ECLI:NL:RBDHA:2025:9345
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens vermeende partijdigheid
In deze zaak heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter die een voorlopig oordeel had gegeven in een civiele procedure tussen verzoeker en TDSL Nederland B.V. Verzoeker vreesde partijdigheid vanwege het oordeel over de geheimhoudingsclausule en de beoordeling van bewijsstukken.
De wrakingskamer heeft vastgesteld dat het verzoek feitelijk ziet op de inhoud en kwaliteit van het voorlopige oordeel en niet op concrete aanwijzingen van vooringenomenheid. Volgens vaste jurisprudentie kan een rechter alleen worden gewraakt bij objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid, hetgeen hier niet is aangetoond.
De wrakingskamer concludeert dat de motivering van het voorlopige oordeel niet als blijk van vooringenomenheid kan worden gezien en wijst het verzoek tot wraking af. De procedure wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.