ECLI:NL:RBDHA:2025:958

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
28 januari 2025
Publicatiedatum
28 januari 2025
Zaaknummer
NL24.48288
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Spanje

Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen op grond van de Dublin-verordening, waarbij Spanje als verantwoordelijke lidstaat wordt aangewezen. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening zonder zitting behandeld en geoordeeld dat nu de rechtbank op het beroep uitspraak heeft gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen als kennelijk ongegrond.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is geanonimiseerd gepubliceerd en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open volgens artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op het beroep is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.48288

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], verzoeker,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. V.L. van Wieringen),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Bij besluit van 3 december 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
1.1.
Verzoeker het tegen het bestreden besluit beroep ingesteld (NL24.48287). Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
1.2.
De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting. [1]

Beoordeling door de rechtbank

2. Bij uitspraak van vandaag (zaaknummer: NL24.48287), heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af als kennelijk ongegrond.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. B.A. Smit, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Artikel 8:83, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht.