ECLI:NL:RBDHA:2025:958
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Spanje
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen op grond van de Dublin-verordening, waarbij Spanje als verantwoordelijke lidstaat wordt aangewezen. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening zonder zitting behandeld en geoordeeld dat nu de rechtbank op het beroep uitspraak heeft gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen als kennelijk ongegrond.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is geanonimiseerd gepubliceerd en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open volgens artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op het beroep is beslist.