ECLI:NL:RBDHA:2026:10208
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag niet-ontvankelijk wegens status in Italië ondanks medische problematiek zoon
Eiseres, geboren in 1994 en Somalische nationaliteit, diende op 7 mei 2023 een asielaanvraag in Nederland in. Uit Eurodac bleek dat zij eerder in Italië internationale bescherming heeft gekregen, geldig tot 25 mei 2027. Verweerder verklaarde haar aanvraag niet-ontvankelijk op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet, omdat zij een zodanige band met Italië heeft dat terugkeer redelijk is.
Eiseres voerde aan dat de opvangvoorzieningen in Italië tekortschieten en dat haar zoon, die de Nederlandse nationaliteit heeft en medische problemen kent, bijzondere kwetsbaarheid vertoont. Zij stelde dat terugkeer het familie- en gezinsleven volgens artikel 8 EVRM Pro zou schenden. De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de Italiaanse autoriteiten haar niet kunnen of willen helpen en dat de medische problematiek van haar zoon onvoldoende bewijs is voor bijzondere kwetsbaarheid.
De rechtbank benadrukte dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt voor statushouders in Italië en dat de aanwezigheid van een Nederlands kind geen beletsel vormt voor niet-ontvankelijkheid. Ook is geen sprake van een inbreuk op het gezinsleven omdat zowel eiseres als haar zoon vrij kunnen reizen binnen de EU. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag blijft niet-ontvankelijk wegens internationale bescherming in Italië.