ECLI:NL:RBDHA:2026:10213
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublin-verantwoordelijkheid Bulgarije
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van 11 februari 2026 waarin de minister van Asiel en Migratie hun asielaanvragen niet in behandeling heeft genomen, met de reden dat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.
Tegelijkertijd hebben verzoekers een voorlopige voorziening gevraagd om de behandeling van hun asielaanvragen af te dwingen. De voorzieningenrechter heeft echter geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet meer nodig is omdat de rechtbank reeds op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op de beroepen in de hoofdzaak (zaaknummers NL26.8000 en NL26.8005).
Daarom zijn de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is onherroepelijk, aangezien tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvragen worden afgewezen.