Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:10213

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
29 april 2026
Publicatiedatum
30 april 2026
Zaaknummer
NL26.8001 en NL26.8006
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublin-verantwoordelijkheid Bulgarije

Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van 11 februari 2026 waarin de minister van Asiel en Migratie hun asielaanvragen niet in behandeling heeft genomen, met de reden dat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.

Tegelijkertijd hebben verzoekers een voorlopige voorziening gevraagd om de behandeling van hun asielaanvragen af te dwingen. De voorzieningenrechter heeft echter geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet meer nodig is omdat de rechtbank reeds op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op de beroepen in de hoofdzaak (zaaknummers NL26.8000 en NL26.8005).

Daarom zijn de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is onherroepelijk, aangezien tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.

Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvragen worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL26.8001 en NL26.8006

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[verzoeker 1] , V-nummer: [V-nummer 1] , verzoeker

[verzoekster] ,V-nummer: [V-nummer 2] , verzoekster
Mede namens hun minderjarige kind
[verzoeker 2] ,V-nummer: [V-nummer 3]
Tezamen: verzoekers
(gemachtigde: mr. M.S. Yap),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. J.O. Isibor).

Procesverloop

Bij besluiten van 11 februari 2026 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen, omdat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Ook hebben zij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL26.8000 en NL26.8005, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan op 29 april 2026 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.J.J. Sterks, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.