Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], V-nummer: [nummer], verzoeker
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr.B.C.M. Burger, griffier.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Verzoeker stelde beroep in tegen het besluit tot bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De bewaring werd feitelijk opgeheven door overdracht van verzoeker aan Duitse autoriteiten. Vervolgens trok verzoeker het beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank beoordeelde of verweerder geheel of gedeeltelijk aan verzoeker was tegemoetgekomen, wat een voorwaarde is voor toewijzing van proceskostenvergoeding. De opheffing van de bewaring vond plaats vanwege overdracht en niet vanwege de beroepsgronden van verzoeker.
Daarom oordeelde de rechtbank dat geen sprake was van tegemoetkomen zoals bedoeld in artikel 8:75a Awb. Verzoeker gaf ook geen gemotiveerde reden voor proceskostenvergoeding. Het verzoek werd dan ook afgewezen als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat de bewaring is opgeheven door overdracht en niet door tegemoetkoming aan verzoeker.