ECLI:NL:RBDHA:2026:1038
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvragen van Georgische eisers met biseksuele gerichtheid
In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag, gedateerd 23 januari 2026, zijn de asielaanvragen van twee Georgische eisers, die beiden biseksueel zijn, afgewezen. De eisers, vertegenwoordigd door hun gemachtigden, hebben beroep ingesteld tegen de besluiten van de minister van Asiel en Migratie, die hun aanvragen op 11 juli 2025 als ongegrond had afgewezen. De rechtbank heeft de zaak behandeld op 14 januari 2026, waarbij zowel eisers als hun gemachtigden aanwezig waren. De rechtbank oordeelt dat de afwijzing van de asielaanvragen in stand kan blijven, omdat de eisers niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij bij terugkeer naar Georgië te vrezen hebben voor vervolging of ernstige schade vanwege hun biseksuele gerichtheid. De rechtbank heeft de verklaringen van de eisers over hun ervaringen in Georgië en de bedreigingen die zij hebben ontvangen, als niet geloofwaardig beoordeeld. De rechtbank concludeert dat de minister terecht heeft geoordeeld dat de asielaanvragen ongegrond zijn en dat er geen aanknopingspunten zijn voor vernietiging van de bestreden besluiten. De eisers krijgen geen vergoeding van hun proceskosten en de rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.