Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
20202000, van Malawische nationaliteit,
Samenvatting
.Hieronder legt de rechtbank/voorzieningenrechter (hierna: de rechtbank) uit hoe zij tot deze oordelen komt.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Malawische nationaliteit, diende een asielaanvraag in na mishandeling en doodsbedreigingen vanwege zijn politieke activiteiten bij een organisatie. De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond vanwege tegenstrijdigheden en gebrek aan bewijs.
De rechtbank behandelde het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening. Eiser stelde dat de behandeling moest worden aangehouden vanwege mogelijke invloed van een AI-zoekalgoritme, Casematcher, maar de rechtbank vond geen aanwijzingen dat dit algoritme was gebruikt.
De rechtbank oordeelde dat de nieuwe geloofwaardigheidsbeoordeling van de minister niet in strijd is met het Unierecht en dat het ontbreken van een handtekening onder het besluit niet leidt tot ongeldigheid. De minister mocht het asielrelaas ongeloofwaardig achten vanwege inconsistenties in reisgegevens, politie- en ziekenhuisrapporten en het ontbreken van bewijs voor de doodsbedreigingen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter J.G. Vegter op 16 februari 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.