ECLI:NL:RBDHA:2026:11003
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten college inzake omgevingsvergunning en dwangsom dakterras
Eiser heeft een dakterras gerealiseerd zonder omgevingsvergunning, waarop het college een last onder dwangsom oplegde, twee vergunningaanvragen buiten behandeling stelde en een dwangsom invorderde. Eiser betwist deze besluiten en stelt dat hij wel belanghebbende is en dat er concreet zicht is op legalisatie.
De rechtbank oordeelt dat het college ten onrechte aannam dat eiser geen belanghebbende was, omdat eiser aantoonde dat betrokken omwonenden instemming hadden gegeven. Het college had de vergunningaanvragen daarom in behandeling moeten nemen. Tevens was de motivering van het college over het ontbreken van concreet zicht op legalisatie onvoldoende.
Verder concludeert de rechtbank dat eiser wel aan de last tot staken van het gebruik van het dakterras had voldaan, zodat de invordering van de dwangsom onterecht was. De bestreden besluiten worden vernietigd en het college wordt opgedragen opnieuw te beslissen. Het college wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten van het college en draagt op tot hernieuwde besluitvorming met vergoeding van proceskosten aan eiser.