Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:11009

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
30 maart 2026
Publicatiedatum
8 mei 2026
Zaaknummer
C/09/689306 / FA RK 25-5749
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 RvArt. 1:25c BWArt. 8 Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling geboortegegevens verzoeker zonder geboorteakte in Nederland

De rechtbank Den Haag heeft op 30 maart 2026 uitspraak gedaan in een zaak waarin verzoeker verzocht om vaststelling van zijn geboortegegevens voor het opmaken van een geboorteakte. Verzoeker is geboren in 1999 in het buitenland en verblijft rechtmatig in Nederland op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Er is geen geboorteakte van verzoeker opgenomen in de Nederlandse registers en ook geen authentiek en gelegaliseerd afschrift van een geboorteakte overgelegd.

De rechtbank oordeelde dat verzoeker ontvankelijk is in zijn verzoek op grond van artikel 1:25c Burgerlijk Wetboek, omdat hij niet de Nederlandse nationaliteit bezit maar wel een verblijfsvergunning heeft. De rechtbank vond dat verzoeker voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet beschikt over een geboorteakte die volgens de plaatselijke voorschriften is opgemaakt en dat deze ook niet kan worden verkregen. Gezien de asielstatus van verzoeker achtte de rechtbank het feitelijk onverantwoord of niet zinvol om contact op te nemen met de autoriteiten van het land van geboorte.

De rechtbank stelde vervolgens vast dat er voldoende bewijs en aanwijzingen zijn over de omstandigheden en plaats van geboorte. Conform het Kirgizische naamrecht werden de door de ambtenaar geadviseerde gegevens, inclusief het patroniem, vastgesteld. Oudergegevens werden niet vastgesteld wegens onvoldoende aanwijzingen. De beschikking werd uitgesproken door rechter A. Emmens op 30 maart 2026.

Uitkomst: De rechtbank stelt de geboortegegevens van verzoeker vast voor het opmaken van een geboorteakte.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-5749
Zaaknummer: C/09/689306
Datum beschikking: 30 maart 2026

Vaststellen geboortegegevens

Beschikking op het op 29 juli 2025 ingekomen verzoekschrift van:

[verzoeker] ,

verzoeker, hierna te noemen: [verzoeker] ,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. F. Engelbertink te Amsterdam.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,

zetelend te ’s-Gravenhage,
hierna te noemen: de ambtenaar.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift, met bijlagen;
  • de brief van 5 september 2025 van de ambtenaar;
  • het F9 formulier van 23 september 2025, met bijlage, van [verzoeker] ;
  • de brief van 18 november 2025 van de ambtenaar;
  • de brief van 16 december 2025 van de ambtenaar;
  • het F9 formulier van 7 januari 2026, met bijlage, van [verzoeker] ;
  • de brief van 21 januari 2026 van de ambtenaar;
  • de brief van 17 februari 2026 van de ambtenaar.

Verzoek en verweer

Het verzoek strekt ertoe dat de rechtbank de voor het opmaken van de geboorteakte van [verzoeker] noodzakelijke gegevens zal vaststellen, welke gegevens zijn:
Voornaam: [voornaam]
Achternaam: [verzoeker]
Geboortedatum: [geboortedatum] 1999
Geboorteplaats: [geboorteplaats]
Geslacht: M (mannelijk)
De ambtenaar heeft geen bezwaar tegen vaststelling van de volgende gegevens:
Geslachtsnaam: [verzoeker]
Voornamen: [voornaam] Mirlanovich
Plaats van geboorte: [geboorteplaats]
Dag van geboorte: [geboortedatum] 1999
Geslacht: mannelijk
[verzoeker] heeft geen bezwaar tegen het voorstel van de ambtenaar.

Feiten

  • Blijkens de basisregistratie personen (BRP) is [verzoeker] geboren op [geboortedatum] 1999 te [geboorteplaats] en heeft [verzoeker] de [nationaliteit] .
  • [verzoeker] verblijft rechtmatig in Nederland op grond van artikel 8, onder c van de Vreemdelingenwet 2000.
  • Van [verzoeker] is geen geboorteakte opgenomen in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage.

Beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat verzoeker in Nederland woont, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht op grond van artikel 3 aanhef Pro en onder a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De rechtbank Den Haag is bevoegd om van het verzoek kennis te nemen. Vaststelling van de geboortegegevens dient immers op grond van artikel 1:25c Burgerlijk Wetboek (BW) plaats te vinden in de registers van de burgerlijke stand te ’s-Gravenhage.
De rechtbank past Nederlands recht als haar interne recht toe.
Ontvankelijkheid
Op grond van artikel 1:25c eerste lid BW kan deze rechtbank, indien ten aanzien van een buiten Nederland geboren persoon geen akte van geboorte overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of kan worden overgelegd, op verzoek van het openbaar ministerie, van een belanghebbende of van de ambtenaar, de voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vaststellen, indien:
die persoon Nederlander is of te eniger tijd Nederlander dan wel Nederlands onderdaan niet-Nederlander is geweest;
die persoon rechtmatig verblijft op grond van artikel 8, onder c en d, van de Vreemdelingenwet 2000;
op grond van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek een latere vermelding aan de akte van geboorte moet worden toegevoegd.
[verzoeker] heeft niet de Nederlandse nationaliteit zodat niet wordt voldaan aan de onder artikel 1:25c eerste lid onder a BW gestelde voorwaarde. [verzoeker] is echter in het bezit van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8 onder Pro c van de Vreemdelingenwet 2000, zodat wel is voldaan aan de onder artikel 1:25c onder b BW gestelde voorwaarde. De rechtbank is van oordeel dat [verzoeker] ontvankelijk is in het verzoek tot het vaststellen van de geboortegegevens.
Inhoudelijke beoordeling
Het verzoek ziet op het vaststellen van de noodzakelijke gegevens voor het opmaken van de geboorteakte van [verzoeker] . Uit de stukken is gebleken dat geen geboorteakte van [verzoeker] is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente
’s-Gravenhage. Onder de overgelegde stukken bevindt zich ook geen authentiek en gelegaliseerd afschrift van een geboorteakte van [verzoeker] . De rechtbank is van oordeel dat [verzoeker] daarnaast voldoende aannemelijk heeft gemaakt niet over een overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akte van geboorte te beschikken en dat deze ook niet kan worden verkregen. Door de ambtenaar is ook aangegeven dat gelet op de asielstatus van de [verzoeker] het aannemelijk is dat [verzoeker] tot de groep personen behoort voor wie het feitelijk onverantwoord of niet zinvol is om contact op te nemen met de autoriteiten van het land van geboorte. Daarom moeten de geboortegegevens worden vastgesteld zoals bedoeld in artikel 1:25c BW.
De rechtbank is verder van oordeel dat uit de stukken voldoende bewijzen en aanwijzingen zijn verkregen over de omstandigheden waaronder en de plaats waar de geboorte van [verzoeker] moet hebben plaatsgehad, zodat de rechtbank de geboortegegevens van [verzoeker] zal vaststellen. Bij de vast te stellen geboortegegevens zal de rechtbank, conform het Kirgizische naamrecht, uitgaan van de door de ambtenaar geadviseerde gegevens, inclusief het patroniem.
De rechtbank zal geen oudergegevens vaststellen, nu daarvoor onvoldoende aanwijzingen zijn verkregen.

Beslissing

De rechtbank:
stelt de volgende voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vast:
Geslachtsnaam: [verzoeker]
Voornaamnamen: [voornamen]
Geboortedatum: [geboortedatum] 1999
Geboorteplaats: [geboorteplaats]
Geslacht : mannelijk
Deze beschikking is gegeven door mr. A. Emmens, rechter, bijgestaan door
mr. A.F. Lemmens als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 30 maart 2026.