ECLI:NL:RBDHA:2026:11122
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen maatregel van bewaring op grond van openbare orde in vreemdelingenrecht
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, werd op 21 april 2026 een maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het risico dat hij zich aan het toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren.
Eiser betwistte de gronden voor de maatregel niet, maar stelde dat een lichter middel, zoals een verwijderingsbesluit naar Spanje, passend zou zijn geweest. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij een verblijfsrecht in Spanje heeft, en dat de gronden voor de bewaring zwaar en voldoende gemotiveerd zijn.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel niet onrechtmatig was en dat geen lichter middel volstond. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.