Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:11147

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
8 april 2026
Publicatiedatum
9 mei 2026
Zaaknummer
C/09/679572 / FA RK 25-762
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:251a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking nevenvoorzieningen na echtscheiding met afspraken over gezag, verblijf en woningverdeling

De rechtbank Den Haag heeft op 8 april 2026 een beschikking gegeven inzake nevenvoorzieningen na de echtscheiding van partijen. De echtscheiding was reeds uitgesproken op 19 november 2025, waarna de behandeling van nevenvoorzieningen en proceskosten was aangehouden. Tijdens de procedure hebben partijen afspraken gemaakt over diverse onderwerpen, waaronder het gezamenlijk ouderlijk gezag, de hoofdverblijfplaats van het minderjarige kind, omgangsregelingen, kinderalimentatie en de verdeling van de echtelijke woning.

De rechtbank heeft vastgesteld dat partijen gezamenlijk het gezag blijven uitoefenen conform artikel 1:251a lid 2 BW, maar deze afspraak niet in het dictum van de beschikking is opgenomen. Het hoofdverblijf van het kind is bij de vrouw, met wekelijkse omgang op woensdagavond met de man, waarbij alternatieven worden afgesproken bij roosterwijzigingen. De man zal een maandelijkse bijdrage van €506,- betalen aan de vrouw voor verzorging en opvoeding van het kind vanaf het moment dat de vrouw de woning verlaat.

Verder is overeengekomen dat de overwaarde van de woning gelijk wordt verdeeld, waarbij de vrouw een gebruiksvergoeding van €300,- per maand aan de man betaalt vanaf 1 november 2025, welke vergoeding wordt verrekend bij de notariële verdeling. De vrouw zal de woning verlaten binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling. De rechtbank heeft de gemaakte afspraken in de beschikking opgenomen, iedere partij draagt de eigen proceskosten en het meer of anders verzochte is afgewezen.

Uitkomst: De rechtbank heeft de gemaakte afspraken over gezag, verblijf, alimentatie en woningverdeling vastgelegd en iedere partij draagt de eigen proceskosten.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummers: FA RK 25-762 (echtscheiding)
FA RK 25-2529 (verdeling)
Zaaknummers: C/09/679572 (echtscheiding)
C/09/683023 (verdeling)
Datum beschikking: 8 april 2026

Nevenvoorzieningen

Beschikking op het op 24 januari 2025 ingekomen verzoekschrift van:

[de man] ,

de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. M.M.C. van der Sanden in Den Haag.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vrouw] ,

de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. S.A. Ray in Rotterdam.

Procedure

Bij beschikking van 19 november 2025 (zaak- en rekestnummers C/09/679572 /
FA RK 25-762 en C/09/683023 / FA RK 25-2529) is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en is de behandeling ten aanzien van de nevenvoorzieningen en de proceskosten aangehouden tot een nader te bepalen zitting.
De rechtbank heeft opnieuw kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook van:
  • het bericht van 13 maart 2026 van de vrouw, met bijlagen;
  • het bericht van 16 maart 2026 van de vrouw;
  • het bericht van 17 maart 2026 van de man, met bijlagen;
  • het bericht van 23 maart 2026 van de man, met bijlage;
  • het e-mailbericht van 24 maart 2026 van de vrouw.
[minderjarige] heeft in een gesprek met de kinderrechter op 19 maart 2026 zijn mening kenbaar gemaakt.
Partijen hebben in de loop van de procedure afspraken gemaakt. Gelet hierop heeft de geplande mondelinge behandeling op 25 maart 2026 geen doorgang gevonden.

Aanvulling feiten

  • Volgens uittreksels uit de Basisregistratie Personen is het huwelijk van partijen door de echtscheiding ontbonden op [datum] 2025.
  • Bij beschikking van 19 november 2025 (zaak- en rekestnummer C/09/692520 en FA RK 75-7469) van deze rechtbank is vastgesteld dat er niets meer te beslissen is, omdat partijen op de zitting van 5 november 2025 tot overeenstemming zijn gekomen, onder meer over de wijze van toedeling van de echtelijke woning.

Verzoek en verweer

Partijen verzoeken nu, onder intrekking van de overige verzoeken, opname van de gemaakte afspraken in de beschikking, waarbij iedere partij de eigen kosten van de procedure draagt.

Beoordeling

Afspraken
Uit de stukken blijkt dat partijen de volgende afspraken hebben gemaakt:
  • partijen blijven gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] ;
  • [minderjarige] heeft zijn hoofdverblijfplaats bij de vrouw;
  • de man en [minderjarige] eten eenmaal per week op (in beginsel) woensdagavond samen; wanneer de man op woensdag dienst heeft zal hij dat aan [minderjarige] laten weten zodra hij zijn rooster heeft; daarbij zal de man dan een voorstel doen voor een andere avond in de desbetreffende week;
deze regeling gaat in vanaf het moment dat de vrouw de echtelijke woning heeft verlaten, zijnde binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling/overdracht van de woning bij de notaris;
  • de afspraken in het ouderschapsplan zullen deel uitmaken van de te wijzen beschikking en het ouderschapsplan zal aan die beschikking worden gehecht;
  • de man zal vanaf het moment dat de vrouw de echtelijke woning heeft verlaten, zijnde binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling/overdracht van de woning bij de notaris, aan de vrouw een maandelijkse bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] betalen van € 506,- per maand;
  • de overwaarde van de echtelijke woning wordt tussen partijen bij helfte gedeeld, waarbij de kosten van de overdracht voorafgaand aan de verdeling uit de overwaarde worden voldaan;
  • de vrouw zal vanaf 1 november 2025 een bedrag van € 300,- per maand aan de man betalen als gebruiksvergoeding; de vrouw gaat dit bedrag nu niet feitelijk betalen, maar dit bedrag zal bij de verdeling via de notaris worden verrekend met de overwaarde;
  • de vrouw verlaat de echtelijke woning binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling/overdracht van de woning bij de notaris.
De rechtbank zal – voor zover mogelijk – beslissen overeenkomstig deze afspraken dan wel de afspraken opnemen in het dictum van deze beschikking.
De rechtbank overweegt ten aanzien van de afspraak over het gezamenlijk gezag als volgt. Op grond van artikel 1:251a lid 2 van het Burgerlijk Wetboek blijven partijen die gezamenlijk het gezag uitoefenen dit na ontbinding van het huwelijk gezamenlijk uitoefenen. De rechtbank zal deze afspraak daarom niet in het dictum van deze beschikking opnemen en dit verzoek in zoverre afwijzen.
Proceskosten
De rechtbank zal, conform de afspraak van partijen, bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

Beslissing

De rechtbank:
*
bepaalt dat de [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2010 in [geboorteplaats] zijn hoofdverblijfplaats bij de vrouw zal hebben;
*
bepaalt dat [minderjarige] – vanaf het moment dat de vrouw de echtelijke woning heeft verlaten, zijnde binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling/overdracht van de woning bij de notaris – eenmaal per week op (in beginsel) woensdagavond samen met de man zal eten; wanneer de man op woensdag dienst heeft, zal de man dat aan [minderjarige] laten weten, zodra hij zijn rooster heeft en daarbij zal de man dan een voorstel doen voor een andere avond in de desbetreffende week;
*
neemt op de door partijen getroffen onderlinge regelingen, zoals neergelegd in het (in kopie) aan deze beschikking gehechte ouderschapsplan;
*
bepaalt dat de man aan de vrouw – vanaf het moment dat de vrouw de echtelijke woning heeft verlaten, zijnde binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling/overdracht van de woning bij de notaris – een kinderalimentatie voor [minderjarige] zal betalen van € 506,- per maand;
*
stelt vast dat partijen ten aanzien van de verdeling van de echtelijke woning het volgende zijn overeengekomen:
  • de overwaarde van de echtelijke woning wordt tussen partijen bij helfte gedeeld, waarbij de kosten van de overdracht voorafgaand aan de verdeling uit de overwaarde worden voldaan;
  • de vrouw zal vanaf 1 november 2025 een bedrag van € 300,- per maand aan de man betalen als gebruiksvergoeding; dit bedrag zal bij de verdeling via de notaris worden verrekend met de overwaarde;
  • de vrouw zal de echtelijke woning verlaten binnen een maand na het passeren van de akte van verdeling/overdracht van de woning bij de notaris;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.S. Perniciaro, (kinder)rechter, in tegenwoordigheid van mr. S. Sluijmer als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 8 april 2026.