ECLI:NL:RBDHA:2026:1128

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
26 januari 2026
Publicatiedatum
26 januari 2026
Zaaknummer
NL25.57507
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:57 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij niet tijdig beslissen asielaanvraag

Eiser heeft op 24 november 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 24 januari 2024. De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig is en heeft het onderzoek gesloten zonder zitting.

De rechtbank beoordeelt ambtshalve of eiser procesbelang heeft. Eiser heeft op 29 augustus 2025 al een beroep ingesteld tegen hetzelfde niet tijdig beslissen, waarover op 9 januari 2026 uitspraak is gedaan en de minister is opgedragen binnen acht weken alsnog te beslissen.

Omdat de rechtbank niet twee keer kan beslissen over hetzelfde onderwerp en doel, ontbreekt het procesbelang bij het onderhavige beroep. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wijst het af zonder proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.57507

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. R. Akkaya),
en

de minister van Asiel en Migratie.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser op 24 november 2025 heeft ingediend, omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van
24 januari 2024.
1.1
De rechtbank heeft partijen laten weten dat zij een zitting niet nodig vindt en heeft
gevraagd of partijen het daarmee eens zijn. Partijen hebben daarna niet om een zitting gevraagd. De rechtbank heeft het beroep daarom niet op zitting behandeld en sluit hierbij het onderzoek. [1]

Beoordeling door de rechtbank

Is het beroep ontvankelijk en gegrond?
2. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eiser procesbelang heeft bij een beoordeling van dit beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang.
3. Eiser heeft op 29 augustus 2025 beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag (NL25.41410). Lopende die procedure heeft eiser op 24 november 2025 onderhavig beroep ingesteld.
4. Deze rechtbank heeft op 9 januari 2026 uitspraak gedaan in het eerste beroep en dat gegrond verklaard. Voor zover hier van belang, is de minister opgedragen om binnen acht weken na de dag van het bekendmaken van die uitspraak alsnog een besluit op de aanvraag bekend te maken.
5. Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep gericht tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit dat hetzelfde doel dient, namelijk het verzoek tot het opleggen van een beslistermijn aan de minister, heeft eiser geen belang bij het onderhavige beroep.

Conclusie en gevolgen

6. Gelet op het voorgaande is het onderhavige beroep van eiser tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.

Voetnoten

1.Artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).