Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Surinaamse vrouw die in december 2023 Nederland is binnengekomen met een geldig visum, heeft een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aangevraagd met het verblijfsdoel verblijf als familie- of gezinslid bij haar gestelde zoon, referent.
De minister van Asiel en Migratie heeft de aanvraag afgewezen omdat de familierechtelijke relatie niet was aangetoond, onder meer door het ontbreken van een apostille op de geboorteakte van de zoon. Daarnaast was niet aangetoond dat eiseres hulpbehoevend is en afhankelijk van referent, zoals vereist voor een beschermenswaardig gezinsleven op grond van artikel 8 EVRM Pro.
Eiseres stelde in beroep dat zij de ontbrekende apostille zou aanleveren en dat zij volledig afhankelijk is van referent, mede vanwege een beroerte in oktober 2025. De rechtbank constateerde echter dat het document niet was overgelegd en dat onvoldoende was onderbouwd dat sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheid.
De rechtbank oordeelde dat de afwijzing van de mvv-aanvraag niet in strijd is met artikel 8 EVRM Pro en wees het beroep ongegrond. Eiseres wordt gewezen op de mogelijkheid een nieuwe aanvraag in te dienen met volledige stukken om vertraging te voorkomen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ontbrekende familierechtelijke relatie en onvoldoende afhankelijkheid.