De rechtbank Den Haag behandelde op 19 maart 2026 het verzoek tot ontslag van de bestuurders van de Stichting Hazara Forum Nederland. Verzoekers, waaronder een voormalig bestuurslid en een donateur, vorderden het ontslag van het gehele bestuur en de benoeming van nieuwe bestuurders, vanwege zorgen over het bestuurshandelen en vermeende belangenverstrengeling.
De rechtbank oordeelde dat één verzoeker, de donateur, niet-ontvankelijk was omdat hij onvoldoende belanghebbende was volgens de tweekringenleer. De voormalig bestuurder werd wel ontvankelijk verklaard. De rechtbank onderzocht vervolgens de gronden voor ontslag, waaronder vermeende politieke beïnvloeding, gebrekkige besluitvorming, en tegenstrijdige belangen van bestuurders.
De rechtbank vond geen voldoende concrete onderbouwing voor de stellingen van verzoekers. Er was geen bewijs dat het bestuur zijn taken verwaarloosde, dat er sprake was van een gewichtige reden of ingrijpende omstandigheden die ontslag rechtvaardigden. Ook was er geen overtuigend bewijs van tegenstrijdige belangen die het bestuur belemmerden het belang van de Stichting te dienen.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot ontslag van het bestuur af. Tevens gaf de rechtbank het bestuur het advies om de transparantie richting donateurs en betrokkenen te vergroten om onrust te verminderen. De beschikking werd uitgesproken door rechter D.R. Glass.