Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie tot afwijzing van een visumaanvraag voor zijn echtgenote en kinderen. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb.
De kern van het geschil betreft het niet betalen van het griffierecht. De griffier heeft eiser meerdere malen in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen een gestelde termijn te voldoen, waaronder een nota op 7 november 2026 en een herinnering op 9 maart 2026. Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet betaald.
Eiser heeft geen verschoonbare reden aangevoerd voor het niet betalen van het griffierecht. Op grond van artikel 8:41, zesde lid, van de Awb verklaart de rechtbank het beroep daarom niet-ontvankelijk. Dit betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt en het bestreden besluit in stand blijft. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht, waardoor het bestreden besluit in stand blijft.