ECLI:NL:RBDHA:2026:11693
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing visum kort verblijf en redelijke twijfel aan terugkeer
Eiseres, van Marokkaanse nationaliteit, verzocht op 4 januari 2024 om een visum voor kort verblijf om haar zoon in Nederland te bezoeken. Verweerder wees de aanvraag af wegens onvoldoende bewijs van het doel en twijfel aan tijdige terugkeer naar Marokko, gebaseerd op vermeende onvoldoende sociale binding.
Eiseres betoogde dat het doel van het verblijf duidelijk was en dat zij ruim vijftig jaar in Marokko woont, met sterke sociale binding. Tevens stelde zij dat de hoorplicht was geschonden omdat geen hoorzitting had plaatsgevonden tijdens de bezwaarprocedure.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het bezwaar ten onrechte kennelijk ongegrond had verklaard zonder hoorzitting, terwijl het horen essentieel is om de intenties van eiseres te onderzoeken. Ook was onvoldoende gemotiveerd dat de sociale binding met Marokko gering zou zijn.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder binnen acht weken een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege het ontbreken van een hoorzitting en onvoldoende motivering over redelijke twijfel aan terugkeer.