Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:11850

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
14 april 2026
Publicatiedatum
15 mei 2026
Zaaknummer
C/09/701675 / JE RK 26-455
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 2 Besluit gezagsregistersArtikel 807 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vervanging gecertificeerde instelling bij ondertoezichtstelling minderjarige

De kinderrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 14 april 2026 een beschikking gegeven over de vervanging van de gecertificeerde instelling die belast is met de uitvoering van de ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2010. De minderjarige is sinds eind november 2025 vermist en verblijft vermoedelijk in het buitenland. De moeder, die het ouderlijk gezag heeft, stemde in met het verzoek tot vervanging.

De gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden verzocht om vervangen te worden door Stichting Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering. De kinderrechter oordeelde dat het Leger des Heils beter geschikt is vanwege hun expertise in de Romacultuur, hun ervaring met het terughalen van kinderen uit het buitenland, en hun bekendheid met lokale autoriteiten in Bulgarije. Tevens is het Leger des Heils voogd over het zoontje van de minderjarige, wat de voorkeur voor één gecertificeerde instelling binnen het gezin versterkt.

De beslissing tot vervanging wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister. De beschikking is in het openbaar uitgesproken en schriftelijk vastgelegd op 14 april 2026. Tegen deze eindbeslissing staat geen hoger beroep open.

Uitkomst: De kinderrechter vervangt de gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden door Stichting Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Jeugd- en Zorgrecht
Zaaknummer: C/09/701675 / JE RK 26-455
Datum uitspraak: 14 april 2026
Beschikking van de kinderrechter over de vervanging van de gecertificeerde instelling
in de zaak van
Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden, gevestigd te Den Haag,
hierna te noemen: de gecertificeerde instelling,
over
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2010 in [land 1] ,
hierna te noemen: [de minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:
[de moeder],
hierna te noemen: de moeder,
wonende in [woonplaats] .
De kinderrechter merkt als informant aan:
Stichting Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering,
hierna te noemen: het Leger des Heils.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, waaronder een bereidverklaring van het Leger des Heils, ontvangen op 17 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 14 april 2026. Daarbij waren aanwezig:
  • de moeder, telefonisch bijgestaan door een tolk Bulgaars;
  • [naam] namens de gecertificeerde instelling.
Het Leger des Heils is niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat het Leger des Heils wel juist is opgeroepen.
1.3.
De kinderrechter heeft [de minderjarige] naar haar mening gevraagd. [de minderjarige] heeft geen mening gegeven.

2.De feiten

2.1.
De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] .
2.2.
[de minderjarige] is sinds eind november 2025 vermist en verblijft vermoedelijk in [land 2] .
2.3.
De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 27 februari 2026 [de minderjarige] onder toezicht gesteld tot 27 augustus 2026 en voor dezelfde duur een machtiging verleend om [de minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder.

3.Het verzoek

3.1.
De gecertificeerde instelling verzoekt de kinderrechter om de gecertificeerde instelling, die de ondertoezichtstelling uitvoert, te vervangen door de gecertificeerde instelling het Leger des Heils en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4.De standpunten

4.1.
De moeder stemt in met het verzochte.

5.De beoordeling

5.1.
Op basis van de stukken en de zitting is de kinderrechter van oordeel dat de gecertificeerde instelling, die nu belast is met de uitvoering van de ondertoezichtstelling, moet worden vervangen door de gecertificeerde instelling het Leger des Heils. Er is binnen het gezin sprake van een Romacultuur, waarbij de expertise bij het Leger des Heils ligt. Het Leger des Heils kent beter de weg bij de lokale autoriteiten in Bulgarije en heeft bovendien meer ervaring dan Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden om kinderen uit het buitenland terug te halen naar Nederland. Daar komt bij dat het Leger des Heils inmiddels ook de voogd over Yoan, het zoontje van [de minderjarige] , is en de kinderrechter vindt het belangrijk dat één gecertificeerde instelling bij het gezin betrokken is.
5.2.
De beslissing tot vervanging van de gecertificeerde instelling wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister. [1]

6.De beslissing

De kinderrechter:
6.1.
vervangt de gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden door de gecertificeerde instelling Stichting Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering.
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 14 april 2026 door mr. N.B. Haverhoek, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. M.I. Klijn als griffier, en op schrift gesteld op 14 april 2026.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking staat geen hoger beroep open. [2]

Voetnoten

1.Artikel 2 Besluit Pro gezagsregisters.
2.Artikel 807 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv).