ECLI:NL:RBDHA:2026:12004
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing zorgmachtiging op grond van Wvggz voor zes maanden wegens psychische stoornis en ernstig nadeel
De rechtbank Den Haag heeft op 15 april 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1999, op grond van artikel 7:11 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). De machtiging geldt voor de duur van zes maanden en volgt op een eerdere crisismaatregel. Betrokkene lijdt aan een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis en heeft een licht verstandelijke beperking.
Betrokkene verzet zich tegen de zorgmachtiging en geeft aan liever thuis te zijn, met problemen in de communicatie met begeleiders. De medische rapportages tonen echter aan dat betrokkene nog niet adequaat is ingesteld op medicatie, er sprake is van wanen en auditieve hallucinaties, en dat er risico is op ernstig nadeel zoals lichamelijk letsel, psychische schade en maatschappelijke teloorgang. De verplichte zorg omvat medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen en opname in een accommodatie.
De rechtbank oordeelt dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn en dat de verplichte zorg evenredig en effectief is. Stabilisatie van de geestelijke gezondheid is noodzakelijk om conflicten en overlast in de woonvorm te voorkomen en om betrokkene haar autonomie terug te laten winnen. De machtiging wordt daarom toegekend tot en met 15 oktober 2026.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden om verplichte zorg te kunnen verlenen aan betrokkene met een psychotische stoornis en ernstig nadeel.