ECLI:NL:RBDHA:2026:12198
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit vreemdeling
De eiser heeft beroep ingesteld tegen een terugkeerbesluit van de minister van Asiel en Migratie. Tevens verzocht hij om een voorlopige voorziening. De rechtbank heeft het beroep op 15 april 2026 behandeld, waarbij eiser niet is verschenen. De voorzieningenrechter oordeelde dat een voorlopige voorziening niet meer nodig was vanwege een gelijktijdige uitspraak in een vergelijkbare zaak (zaaknummer NL25.61335).
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter S.N. Abdoelkadir in aanwezigheid van griffier F.S. Ulrich en is in het openbaar uitgesproken op 22 april 2026.
Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk, waarmee de beslissing definitief is. De zaak betreft bestuursrecht en vreemdelingenrecht, waarbij het terugkeerbesluit centraal stond.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het terugkeerbesluit is afgewezen.