Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
2.De feiten
water baskets’, bestaande uit een plastic binnenpot en een rotan buitenzijde (hierna: de
water baskets). De
water basketsworden in verschillende afmetingen op de markt gebracht onder de namen ‘Seline’, ‘Bridget’ en ‘Pauline’. Ter illustratie dienen de volgende afbeeldingen:
water basketsvan [gedaagde] gezien. Daarvan heeft zij de volgende foto’s gemaakt:
water basketsvan [gedaagde] aangetroffen op een beurs in Duitsland, waarvan zij onder meer de volgende foto’s heeft gemaakt:
3.Het geschil
water basketsvan [gedaagde] in wezen kopieën zijn van de
Drypot-manden van [eiseres]. Subsidiair beroept [eiseres] zich op onrechtmatige daad (slaafse nabootsing), omdat de Drypot-manden een eigen, onderscheidende plaats innemen op de Nederlandse markt (en in andere landen). Er zijn in Nederland geen manden te koop die dezelfde vormgeving en uiterlijk hebben. Zonder aan de deugdelijkheid en bruikbaarheid van SBP-manden afbreuk te doen, had [gedaagde] voor een andere vormgeving kunnen en moeten kiezen.
water basketsniet in de EU, zodat van inbreuk geen sprake is. Op grond van artikel 194 lid 2 Rv Pro kan [gedaagde] weigeren om verzochte informatie te verstrekken nu het gaat om vertrouwelijke bedrijfsinformatie (er is daarmee sprake van gewichtige redenen). Partijen zijn concurrenten en uit de beslaglegging is niet gebleken dat er verkocht/geleverd wordt in- of vanuit gebieden waar [eiseres] bescherming geniet voor diens manden.
4.De beoordeling
Drypots, dan wel of [gedaagde] onrechtmatig jegens [eiseres] heeft gehandeld. De rechtbank begrijpt in dat verband dat de vorderingen zijn ingesteld als primair, subsidiair en meer subsidiair. Eerst zullen de vorderingen uit hoofde van de gestelde inbreuk op de Drypot-Modellen worden beoordeeld.
water basketsvan [gedaagde] geen inbreuk maken op de Uniemodelrechten van [eiseres]. Het volgende is daartoe redengevend.
water basketsvan [gedaagde] binnen de reikwijdte vallen van de aan de Modellen te ontlenen bescherming.
- i) Materiaal van de mand: rotan
- ii) Gebruik van de volledige, dikste versie van rotan in plaats van gespleten materiaal
- iii) Kleur: grey wash
- iv) De keuze voor een licht conische vorm
- v) Eén of twee strengen rotan zijn vanaf de onderkant van de mand doorgevlochten tot in de rand aan de bovenkant om in de ronde vorm van de mand te passen en het ontwerp een meer samenhangende uitstraling te geven
- vi) Het gebruik van een (gerecyclede) plastic binnenpot
- vii) Er is een rand aan de boven- en onderkant geweven om de Drypot-mand een luxueuzere uitstraling te geven
- viii) De rand aan de bovenkant valt iets naar binnen (dit geldt niet voor Uniemodelregistratie nr. 002139287-0002, wel voor de versie die [eiseres] op de markt brengt)
- ix) Door het rotan niet helemaal tot op de bodem door te weven, heeft de Drypot-mand een zwevend effect gekregen
- x) Over het geheel genomen vertoont het ontwerp van de Drypot-mand vloeiende lijnen en de kenmerken geven de Drypot-mand een luxe en samenhangende uitstraling.
water basketsvan [gedaagde] voldoen aan de kenmerken (i) tot en met (viii) en (x). In zoverre staat daarmee vast dat de Drypot-manden en de
water basketsdezelfde algemene indruk wekken bij de geïnformeerde gebruiker. Er bestaat tussen partijen echter ook geen verschil van inzicht over de vraag of de
water basketsaan kenmerk (ix) voldoen: dat doen de
water basketsniet.
water basketsvan [gedaagde] een gevlochten bodem aangebracht. De geïnformeerde gebruiker zal dit verschil direct opvallen, temeer omdat ‘het zwevende effect’ van de Drypot-manden zich door dit verschil niet zal voordoen bij de
water baskets. De
water basketsverschillen daarmee niet van het vormgevingserfgoed, terwijl de beschermingsomvang van de Drypot-manden door het ontbreken van een bodem wordt bepaald en de
water basketsen de Drypot-Modellen juist wel op dit cruciale aspect van elkaar verschillen.
water basketsvan [gedaagde] wel voor zou doen, doordat aan de bodem van de
water basketseen verhoogde rand is gevlochten. De rechtbank begrijpt dat volgens [eiseres] de
water basketsvan [gedaagde] daarmee ook aan kenmerk (ix) voldoen. De rechtbank volgt [eiseres] hierin niet. Het betoog van [eiseres] komt er immers in de kern op neer dat de
afwezigheidvan een rotan-bodem (zoals kenbaar is uit de modelinschrijving) gelijkgesteld moet worden aan de
aanwezigheidvan een rotan-bodem (zoals kenbaar is uit de uitvoeringsvorm van [gedaagde]). Deze stelling vraagt van de geïnformeerde gebruiker inzichten die de rechtbank niet aanwezig acht bij die maatpersoon.
water basketsbij de geïnformeerde gebruiker een andere algemene indruk wekken dan de Drypot-Modellen. De conclusie moet luiden dat de
water basketsgeen inbreuk maken op de Drypot-Modellen.
water basketsslechts sprake is van een combinatie van banale en triviale keuzes, die niet de persoonlijkheid van een maker kunnen weerspiegelen. Zodoende heeft [gedaagde] niet de geïdentificeerde creatieve elementen overgenomen die eigen zijn aan de Drypot-manden, en is er bijgevolg geen sprake van inbreuk op het aan [eiseres] toekomende auteursrecht.
water basketsvan [gedaagde] nu juist wel een bodem, zodat verwarring tussen de
water basketsen de Drypot-manden niet te vrezen valt. Ook valt niet in te zien hoe [gedaagde] had kunnen kiezen voor een ander materiaal dan rotan, noch ook waarom [gedaagde] een andere vlechtmethode had behoren te kiezen als de gekozen methode een traditionele werkwijze is. Ook de andere door [eiseres] genoemde eigenschappen zijn standaardeigenschappen en -vormen van rotan manden, zodat [gedaagde] daar niet vanaf hoefde te wijken. Uit dit alles volgt dat het beroep op slaafse nabootsing eveneens moet falen.