Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
Samenvatting
Procesverloop
Op 21 november 2025 heeft de rechtbank de minister verzocht deze stukken mee te nemen naar de zitting.
2.3. De rechtbank heeft het beroep op 27 november 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, een tolk en de gemachtigde van de minister. Op de zitting bleek dat de minister meer tijd nodig had om het analyseformulier van Bureau Documenten op te kunnen sturen. De rechtbank heeft daarop de minister een termijn van twee weken gegeven om het analyseformulier aan te leveren.
Beoordeling door de rechtbank
- Identiteit, nationaliteit en herkomst;
- Problemen vanwege lidmaatschap en activiteiten voor de HDP;
- Discriminatie wegens Koerdische afkomst.
5.1. Naast het onder 2.2. gedane verzoek aan de rechtbank om kennis te nemen van de onderliggende stukken stelt eiser dat hij in bewijsnood verkeert met betrekking tot het overleggen van recente informatie over zijn strafzaak en zijn lidmaatschap van de HDP omdat hij geen toegang meer heeft tot zijn e-devlet. Eiser stelt van alles te hebben geprobeerd om nieuwe inloggegevens te verkrijgen, maar dat dit nog niet is gelukt. Volgens eiser is het in strijd met de samenwerkingsplicht dat de minister hierbij niet heeft geholpen. Eiser heeft op zitting tot slot nog betoogd dat de minister hem niet kan tegenwerpen dat hij onduidelijk heeft verklaard over het onderduiken. In de correcties & aanvullingen heeft eiser zijn verklaringen verduidelijkt. De minister heeft dit volgens eiser ten onrechte niet meegenomen in het bestreden besluit.
6.1. Eiser heeft in beroep geen argumenten gegeven die afdoen aan het standpunt van de minister dat eiser tegenstrijdig heeft verklaard over het lidmaatschap van de HDP. Tijdens het gehoor van 22 februari 2023 heeft eiser verklaard geen aanhanger te zijn, om vervolgens tijdens het gehoor van 4 februari 2025 te verklaren sinds 2011 lid te zijn.
6.2. Dit kan niet worden ondervangen door de door eiser overgelegde documenten. Los van het feit dat het bevreemding wekt dat eiser deze documenten zo laat in de procedure heeft overgelegd, is door Bureau Documenten geconcludeerd dat de tenlastelegging en het aanhoudingsbevel met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet bevoegd zijn opgemaakt en afgegeven. De rechtbank heeft de minister, na een daartoe door eiser gedaan verzoek, gevraagd om meer inzicht te geven in het onderzoek van Bureau Documenten. De minister heeft dit gedaan en de rechtbank heeft kennisgenomen van het onderliggende analyseformulier van Bureau Documenten. [7] De rechtbank komt op basis van het analyseformulier tot de slotsom dat het onderzoek de conclusie, dat de tenlastelegging en het aanhoudingsbevel met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet bevoegd zijn opgemaakt en afgegeven, kan dragen.
6.3. In het ambtsbericht is vermeld dat e-devlet het digitale overheidsloket is voor inwoners uit Turkije. [8] De rechtbank volgt de minister in het standpunt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij geen toegang kan krijgen tot e-devlet om (zelf) documenten te verkrijgen die de door hem gestelde strafrechtelijke procedure dan wel lidmaatschap van de HDP onderbouwen. [9] Eiser heeft zijn stellingen, over de pogingen die hij heeft gedaan voor het verkrijgen van inlogcodes, onvoldoende onderbouwd. Het voorgaande klemt te meer nu eiser naar eigen zeggen in Turkije wordt bijgestaan door een advocaat. [10] Eiser heeft naar het oordeel van de rechtbank niet aannemelijk gemaakt dat hij in bewijsnood verkeert ten aanzien van het verkrijgen van inloggegevens voor het e-devlet.