ECLI:NL:RBDHA:2026:1285
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag Afghanistan wegens onvoldoende risico op ernstige schade
Eiser, een Afghaanse asielzoeker, heeft meerdere asielaanvragen ingediend sinds 2015, die steeds zijn afgewezen. De huidige procedure betreft de afwijzing van zijn aanvraag van juni 2025, die de minister als kennelijk ongegrond bestempelde. Eiser betoogt dat hij vanwege zijn politieke mening, Tadzjiekse etniciteit en verwestering een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer naar Afghanistan.
De rechtbank oordeelt dat de minister eiser voldoende gelegenheid heeft gegeven om zijn politieke overtuigingen toe te lichten en dat een aanvullend gehoor niet noodzakelijk was. De minister heeft terecht geoordeeld dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij door de Taliban als een bedreiging wordt gezien of dat hij zijn politieke of religieuze overtuigingen openlijk zal uiten in Afghanistan.
Verder is niet gebleken dat alle Tadzjieken in Baghlan een risico lopen, noch dat eiser individueel een gegronde vrees heeft. Ook de stelling dat eiser vanwege verwestering een risico loopt, wordt verworpen omdat eiser onvoldoende heeft onderbouwd waarom hij als zodanig zal worden gezien. Het verzoek tot heroverweging van eerdere besluiten wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor de afwijzing van de asielaanvraag en het terugkeerbesluit in stand blijven. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit blijft in stand.