ECLI:NL:RBDHA:2026:13120

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 mei 2026
Publicatiedatum
22 mei 2026
Zaaknummer
NL25.42719
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 8:54 AwbArt. 42 Vw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig besluit asielaanvraag wegens prematuur ingebrekestelling

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 19 februari 2024. De rechtbank beoordeelt het beroep buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb.

De wettelijke beslistermijn van zes maanden is op 26 oktober 2024 aangevangen en werd opgeschort door het besluitmoratorium van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. Hierdoor werd de beslistermijn hervat op 14 juni 2025 en eindigde deze op 26 oktober 2025.

De ingebrekestelling is op 19 augustus 2025 ingediend, terwijl de beslistermijn nog niet was verstreken. Volgens artikel 6:12, tweede lid, Awb kan een beroepschrift pas worden ingediend nadat twee weken zijn verstreken na ontvangst van een ingebrekestelling en het bestuursorgaan in gebreke is. Omdat dit niet het geval was, is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.41558

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser,

V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: mr. P.H. Hillen),
en
de minister van Asiel en Migratie, [1] verweerder.

Inleiding

Eiser heeft op 4 september 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 19 februari 2024.
De rechtbank doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Beoordeling door de rechtbank

1. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
2. Op grond van artikel 42, eerste lid, van de Vw moet er binnen zes maanden op een asielaanvraag worden beslist. De beslistermijn is op 26 oktober 2024 aangevangen met de opnamen van de eiser in de nationale procedure.
3. Op de asielaanvraag van eiser is het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [2] van toepassing. Eiser stelt namelijk dat hij de Syrische nationaliteit heeft. Ook heeft verweerder nog geen besluit genomen op de asielaanvraag en is de asielaanvraag ingediend vóór 14 juni 2025. Verder is niet gebleken dat eiser viel onder één van de in artikel 4 van Pro het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [3] genoemde
categorieën die uitgesloten zijn van de werking van het besluitmoratorium. Het gevolg is datde beslistermijn was opgeschort voor de duur van het besluitmoratorium. Dit was van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. De wettelijke beslistermijn is daarom hervat op 14 juni 2025. De beslistermijn eindigt daarom op 26 oktober 2025.
4. Dat betekent dat op het moment van indiening van de ingebrekestelling op 19 augustus 2025 de beslistermijn nog niet was verstreken. Daarom is het beroep tegen het uitblijven van een besluit op de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 19 mei 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van A. Hiddouch, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
2.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.
3.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.