ECLI:NL:RBDHA:2026:13173
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel van bewaring en verzoek schadevergoeding in vreemdelingenrecht
De minister van Asiel en Migratie heeft op 5 december 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van deze maatregel tot 2 maart 2026 bevestigd. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het voortduren van de maatregel na die datum.
Eiser betoogt dat de minister ten onrechte de maatregel van bewaring heeft verlengd zonder een verlengingsbesluit en dat de minister onvoldoende voortvarend handelt met betrekking tot zijn uitzetting naar Equatoriaal-Guinea. De rechtbank stelt vast dat er geen verlengingsbesluit vereist is omdat eerdere bewaringstermijnen meetellen volgens het arrest Arojaniet en dat de minister volstaat met een verzwaarde belangenafweging.
De rechtbank oordeelt dat de minister voldoende inspanningen heeft verricht om de uitzetting te realiseren, waaronder meerdere rappelleringen en vertrekgesprekken. Er is geen bewijs dat de minister nalatig is of dat de maatregel onrechtmatig voortduurt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.