Uitspraak
Vervangende toestemming vakantie en paspoortwet
Beschikking op het op 13 februari 2026 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
[de vader] ,
Procedure
- de moeder, bijgestaan door mr. A. Azauiyat te Amsterdam, waarnemend voor mr. S. Karami;
- de vader.
Verzoek en verweer
- vervangende toestemming te verlenen voor het verkrijgen van een reisdocument zoals bedoeld in artikel 34, tweede lid, van de Paspoortwet ten behoeve van de na te melden minderjarigen;
- vervangende toestemming te verlenen ten behoeve van haar vakantie met de minderjarigen in de periode van 18 juli 2026 tot en met 27 augustus 2026;
- althans een zodanige beslissing te nemen als de rechtbank in goede justitie vermeent te behoren;