De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van de moeder om het gezamenlijk gezag over hun minderjarige kind te beëindigen en haar eenhoofdig gezag toe te kennen. De ouders zijn gescheiden en oefenen momenteel gezamenlijk gezag uit over hun kind, dat in Nederland woont en de Poolse nationaliteit heeft.
De moeder stelde dat de vader regelmatig in strijd met het belang van het kind handelt, onder meer door geen toestemming te verlenen voor het verlengen van het paspoort en door misbruik van het gezag. De communicatie tussen de ouders is ernstig verstoord, met veelvuldig en storend contact van de vader richting de moeder, wat heeft geleid tot blokkades. De vader wenst het gezag gezamenlijk te blijven uitoefenen.
De rechtbank overwoog dat gezamenlijk gezag het uitgangspunt is, maar dat dit alleen wenselijk is als ouders in staat zijn tot behoorlijk overleg en gezamenlijke besluitvorming. Gezien de langdurige en ernstige communicatieproblemen is dit niet het geval. De rechtbank oordeelde dat het belang van het kind beter gediend is met eenhoofdig gezag voor de moeder. Het contact tussen vader en kind via videobellen blijft onverminderd mogelijk.
Het subsidiaire verzoek van de moeder om vervangende toestemming voor het paspoort werd afgewezen omdat het primaire verzoek werd toegewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad gegeven.