ECLI:NL:RBDHA:2026:13651
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen buitenbehandelingstelling aanvraag verblijfsdocument EU wegens niet tijdige legesbetaling
Eiser diende op 28 januari 2025 een aanvraag in voor een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan, maar verweerder stelde deze buiten behandeling omdat eiser niet tijdig de vereiste leges betaalde. Hoewel eiser meerdere keren betalingen verrichtte, werden deze teruggestort vanwege het ontbreken van het juiste vorderingsnummer. Pas na het verstrijken van de termijn werd een correcte betaling gedaan, maar toen was de aanvraag al buiten behandeling gesteld.
Eiser voerde aan dat nationale procedurevoorschriften de nuttige werking van het Unierecht schaden en dat hij onterecht niet is gehoord in bezwaar. De rechtbank oordeelde dat de nationale procedures in overeenstemming zijn met het Unierecht en dat verweerder terecht afzag van het horen omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was.
De rechtbank concludeerde dat eiser procesbelang heeft vanwege het opgelegde terugkeerbesluit en de signalering in het SIS, maar dat de buitenbehandelingstelling terecht is toegepast. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de buitenbehandelingstelling van de aanvraag verblijfsdocument EU is ongegrond verklaard wegens niet tijdige legesbetaling.