ECLI:NL:RBDHA:2026:13679
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag met dwangsom opgelegd
Eiser heeft op 6 oktober 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 8 maart 2024. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is verstreken en dat eiser verweerder tijdig in gebreke heeft gesteld met een brief van 11 september 2025.
De rechtbank verklaart het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond wegens overschrijding van de beslistermijn. Omdat nog geen besluit is genomen, draagt de rechtbank de minister op binnen acht weken na deze uitspraak alsnog een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag vertraging met een maximum van €7.500. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €467, vanwege de noodzaak van rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan door rechter E.M.A. Vinken op 24 april 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt opgedragen binnen acht weken alsnog een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.