Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:14037

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
28 april 2026
Publicatiedatum
29 mei 2026
Zaaknummer
C/09/699049 / FA RK 26-1163
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:251a BWArt. 1:253n BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing eenhoofdig gezag aan moeder wegens afwezigheid vader

Partijen zijn van 1998 tot 2023 gehuwd geweest en hebben drie minderjarige kinderen. De kinderen verblijven bij de moeder, met wie zij hun hoofdverblijfplaats hebben. Het gezamenlijk gezag werd eerder vastgesteld, maar de vader is na de scheiding naar Irak vertrokken en sindsdien onbereikbaar en afwezig in het leven van de kinderen.

De moeder verzoekt de rechtbank om het gezamenlijk gezag te beëindigen en haar het eenhoofdig gezag toe te kennen. De vader heeft geen verweer gevoerd en is niet verschenen, ondanks oproepen via Staatscourant en e-mail. De rechtbank concludeert dat de omstandigheden zijn gewijzigd en dat het in het belang van de kinderen is het gezag aan de moeder toe te wijzen.

De rechtbank wijst het verzoek toe omdat de vader geen invulling geeft aan het gezag, niet betrokken is bij de opvoeding en belangrijke beslissingen niet kunnen worden genomen door het ontbreken van overleg. Het verzoek tot vervangende toestemming voor aanmelding bij een instelling is ingetrokken, zodat hierover geen beslissing is genomen.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en is op 28 april 2026 in het openbaar uitgesproken door kinderrechter E. Boot.

Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek van de moeder toe en kent haar het eenhoofdig gezag toe over de drie minderjarige kinderen.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 26-1163 en FA RK 26-1676
Zaaknummer: C/09/699049 en C/09/699894
Datum beschikking: 28 april 2026

Gezag en vervangende toestemming aanmelding Kracht

[de moeder] ,

de moeder,
wonende op een voor de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. M.S. Polat te Rijswijk.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader] ,

de vader,
wonende op een voor de rechtbank onbekend adres in het buitenland.

Procedure

Inzake C/09/699049 en FA RK 26-1163
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het F9-formulier van 10 februari 2026, met bijlagen, van de moeder;
  • het F9-formulier van 19 maart 2026, met bijlagen, van de moeder.
Inzake C/09/699894 en FA RK 26-1676
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift.
De minderjarigen [de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] hebben een gesprek gehad met de kinderrechter op 26 maart 2026.
Op 31 maart 2026 zijn voornoemde zaken
gecombineerdop de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder, bijgestaan door haar advocaat en een tolk (S. Khudaida), en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming.
De vader heeft een onbekende woon- of verblijfsplaats. Daarom is hij door middel van een advertentie in de Staatscourant van 2 maart 2026 (nr. 8878) en per e-mail opgeroepen. De vader is niet op de zitting verschenen en heeft geen verweerschrift ingediend.

Feiten

  • Partijen zijn met elkaar gehuwd geweest van [datum 1] 1998 tot [datum 2] 2023.
  • Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
  • [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2009 te [geboorteplaats 1] (hierna: [de minderjarige 1] );
  • [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2015 te [geboorteplaats 1] (hierna: [de minderjarige 2] );
  • [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2017 te [geboorteplaats 1] (hierna: [de minderjarige 3] ).
  • De kinderen hebben hun hoofdverblijfplaats bij de moeder.
  • De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.
  • Bij beschikking van deze rechtbank van 3 juli 2023 is bepaald dat het aangehechte ouderschapsplan deel uitmaakt van de beschikking. In het ouderschapsplan is een zorgregeling opgenomen, inhoudende dat:
  • zolang de vader niet over een zelfstandige woonruimte beschiktzullen de kinderen minimaal 1 keer per week omgang hebben met de vader, waarbij partijen de dag en het tijdstip in onderling overleg overeen zullen komen;
  • zodra de vader over een zelfstandige woonruimte beschiktzullen de kinderen iedere zaterdag en zondag van 12:00 uur tot 17:000 uur bij de vader zijn, waarbij de vader de kinderen haalt en brengt.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 24 december 2025 is aan de moeder vervangende toestemming verleend – die de toestemming van de vader vervangt – om met de kinderen in de periode van 29 december 2025 tot en met 4 januari 2026 naar Frankrijk te reizen.

Verzoek en verweer

Inzake C/09/699049 en FA RK 26-1163
De moeder verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te bepalen dat aan haar voortaan alleen het gezag over de kinderen toekomt.
Inzake C/09/699894 en FA RK 26-1676
De moeder verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, aan haar vervangende toestemming te verlenen – die de toestemming van de vader vervangt – om de kinderen aan te melden bij de instelling Kracht.
De vader heeft geen verweer gevoerd.

Beoordeling

Inzake C/09/699049 en FA RK 26-1163
De moeder verzoekt om het gezamenlijk gezag van de ouders te beëindigen en haar voortaan met het eenhoofdig gezag over de kinderen te belasten. Na de scheiding is de vader naar Irak vertrokken en sindsdien is er geen communicatie met de vader meer mogelijk. Voor de moeder is het daardoor onmogelijk om gezamenlijk met de vader gezagsbeslissingen te nemen. Als gevolg daarvan kunnen belangrijke beslissingen ten aanzien van de kinderen niet of in ieder geval niet voortvarend worden genomen. Daarnaast heeft de vader ook heeft al geruime tijd geen contact meer gehad met de kinderen en is hij niet betrokken bij hun opvoeding en ontwikkeling.
Op grond van artikel 1:253n tweede lid BW in samenhang met artikel 1:251a eerste en derde lid BW kan het gezamenlijk gezag worden beëindigd indien de omstandigheden zijn gewijzigd of bij het nemen van een eerdere beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. Gelet op de overeenkomstige toepassing van artikel 1:251a eerste en derde lid BW dient in dat geval beoordeeld te worden of a) er een onaanvaardbaar risico is dat de kinderen klem of verloren zouden raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering zou komen of b) een wijziging van het gezag anderszins in het belang van de kinderen noodzakelijk is.
De rechtbank concludeert dat er sprake is van gewijzigde omstandigheden. De vader is naar Irak vertrokken en hij heeft al geruime tijd geen contact meer met de kinderen. Daarom is de moeder ontvankelijk in haar verzoek.
De rechtbank is van oordeel dat een wijziging van het gezag in het belang van de kinderen noodzakelijk is. De vader geeft feitelijk geen invulling aan het gezag over de kinderen. Hij is onbereikbaar voor de moeder, waardoor het niet mogelijk is om met hem in overleg te treden over gezagsgerelateerde beslissingen. Dit heeft herhaaldelijk tot problemen geleid, onder meer doordat toestemming voor een medische ingreep ontbrak en door een eerdere procedure voor vervangende toestemming voor een vakantie met de kinderen. Daarnaast is vader al meerdere jaren niet meer betrokken bij de verzorging en opvoeding van de kinderen, waardoor hij geen weet heeft van zich afspeelt in hun leven. De rechtbank acht de vader dan ook onvoldoende in staat om in te schatten waar de belangen van de kinderen het meest mee zijn gediend als het aankomt op gezagsbeslissingen.
Gelet op het voorgaande, zal de rechtbank het verzoek van de moeder om haar voortaan met het eenhoofdig gezag over de kinderen te belasten als anderszins in het belang van de kinderen toewijzen.
Inzake C/09/699894 en FA RK 26-1676
Op de zitting heeft de moeder haar verzoek tot vervangende toestemming voor het aanmelden van de kinderen bij Kracht ingetrokken, zodat de rechtbank hierover geen beslissing meer behoeft te nemen.
Brief aan [de minderjarige 1]
Beste [de minderjarige 1] ,
Jij vertelde me dat je het soms gemakkelijker vindt om dingen op te schrijven dan ze te zeggen. Dat geldt ook voor mij. Ik stuur je daarom een brief, ondanks dat je aangaf dat een brief niet nodig was om mijn beslissing uit te leggen.
Ons gesprek van 26 maart 2026 heeft indruk op me gemaakt. Je vertelde me dat je veel hebt meegemaakt toen je vader nog bij jullie woonde. En ook nu heb je veel aan je hoofd.
Jij hebt ook indruk op me gemaakt. Je kwam erg krachtig op me over. Ondanks alles wat je meemaakt, of misschien wel juist door alles wat je meemaakt. Ik zal niet snel het beeld vergeten van hoe jij met aan elke hand één van je zusjes naar onze spreekkamer liep. Je bent er voor ze.
Ik wens je veel sterkte voor de toekomst, en succes met je verdere opleiding. Je vertelde dat je volgend jaar wil wisselen, en je wil psycholoog worden. Dat is een mooi doel. Welk pad je ook kiest: je power zal je vooruit helpen.
Met vriendelijke groet,
Erik Boot
Kinderrechter

BeslissingDe rechtbank:

bepaalt dat voortaan alleen aan de moeder, [de moeder] , geboren op [geboortedatum 4] 1978 te [geboorteplaats 2] , [land] , het gezag zal toekomen over de minderjarigen:
  • [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2009 te [geboorteplaats 1] ;
  • [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2015 te [geboorteplaats 1] ;
  • [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2017 te [geboorteplaats 1] ;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. E. Boot, kinderrechter, bijgestaan door mr. S.A.L. Niemantsverdriet als griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 28 april 2026.