ECLI:NL:RBDHA:2026:1410
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- N. Meesters - van Luijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak Dublin-verantwoordelijkheid
De minister van Asiel en Migratie heeft de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Spanje volgens het Dublin-verdrag verantwoordelijk is voor de aanvraag.
Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 14 januari 2026 behandeld.
Naar aanleiding van de uitspraak op het beroep op 28 januari 2026 is de voorlopige voorziening niet langer nodig en wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank inmiddels op het beroep heeft beslist.