ECLI:NL:RBDHA:2026:1461
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot toelating wettelijke schuldsaneringsregeling met afwijzing eerdere ingangsdatum
Verzoeksters [verzoekster] en [verzoeker] hebben een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege een problematische schuldensituatie. De rechtbank heeft dit verzoek behandeld op 12 januari 2026, waarbij ook schuldhulpverleners van de gemeente Den Haag aanwezig waren.
De rechtbank beoordeelde dat verzoeksters voldoen aan de voorwaarden voor toelating tot de WSNP, waaronder het zich bevinden in een problematische schuldensituatie, te goeder trouw zijn bij het ontstaan van de schulden en de verwachting dat zij aan de verplichtingen van de regeling zullen voldoen. De WSNP duurt in principe achttien maanden en leidt bij naleving tot kwijtschelding van de resterende schulden.
Verzoeksters vroegen tevens om een eerdere ingangsdatum van de WSNP te bepalen op 27 mei 2024, gebaseerd op een eerdere aflossing in het minnelijk traject. De rechtbank oordeelde echter dat niet is gebleken dat zij zich voldoende hebben ingespannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven, mede omdat [verzoeker] werkloos is zonder sollicitatie-inspanningen en [verzoekster] voltijds werkt. Daarom werd het verzoek tot een eerdere ingangsdatum afgewezen.
De rechtbank stelde de termijn van de WSNP vast op achttien maanden vanaf 19 januari 2026, sprak de toepassing van de regeling uit, stelde vast dat alle gelegde beslagen vervallen en benoemde mr. M. van Nooijen tot rechter-commissaris. Tevens werd een bewindvoerder benoemd met de opdracht de post gedurende de eerste dertien maanden te beheren.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de WSNP wordt toegewezen, verzoek tot eerdere ingangsdatum wordt afgewezen.