ECLI:NL:RBDHA:2026:14690
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 2 juni 2026 uitspraak gedaan over het verzoek om een voorlopige voorziening van een asielzoeker tegen het niet in behandeling nemen van zijn asielaanvraag. Verzoeker was het niet eens met deze beslissing en had daarom een voorlopige voorziening gevraagd en tevens beroep ingesteld.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat op dezelfde dag in een andere procedure (zaaknummer NL26.9704) al een uitspraak op het beroep is gedaan. Hierdoor was een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.