ECLI:NL:RBDHA:2026:14764
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing MVV nareis wegens schending hoorplicht en motiveringsgebrek
Eiseres en haar minderjarige zoon vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) in het kader van nareis aan voor gezinshereniging met haar partner, de referent. De minister wees de aanvraag af omdat niet aannemelijk was gemaakt dat er op het peilmoment sprake was van een feitelijke gezinsband. Eiseres maakte bezwaar, maar dit werd kennelijk ongegrond verklaard zonder hoorzitting.
De rechtbank oordeelt dat de minister ten onrechte heeft afgezien van een hoorzitting in de bezwaarfase, omdat het bezwaar niet kennelijk ongegrond was. Daarnaast is het asieldossier van de referent niet betrokken bij de besluitvorming, terwijl dit relevante informatie bevatte over de gezinsband. Dit leidt tot een schending van het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt de minister op binnen acht weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het besluit van de minister tot afwijzing van de MVV-aanvraag wordt vernietigd en de minister wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.