3.2.Gebruikte bewijsmiddelen
De rechtbank heeft hierna opgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.
Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer DH6R024031, van de politie eenheid Den Haag, district Leiden - Bollenstreek, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 262).
1. Het proces-verbaal van aangifte door [aangever 1], opgemaakt op 3 februari 2024, voor zover inhoudende (p. 25 tot en met p. 27):
Op 03 februari 2024, omstreeks 15:55 uur gingen mijn vriendin en ik, naar mijn zus. Wij hebben onze gehele woning afgesloten. Ook de poort van de tuin was afgesloten. Op 03 februari 2024, omstreeks 18:43 kwamen wij aan bij onze woning gelegen aan de [adres 2] in America. Vanuit de buitenzijde van de woning zagen wij licht branden op de bovenverdieping, hier is normaliter geen sprake van. Hierna ben ik naar boven gelopen en ik zag dat de deur van de badkamer halfopen stond. Normaal gesproken staat deze volledig open. Ik zag dat de slaapkamerdeur ook open stond, deze is normaal gesproken gesloten. Dit vertrouwde ik niet en toen ben ik samen met mijn vriendin naar de woonkamer gegaan. Toen zagen we dat het raam aan de achterzijde van de woonkamer opengebroken was.
Hierna hoorden wij voetstappen de trap afkomen en zagen wij in de gang bij de voordeur een man staan. Wij renden naar de keuken omdat we ontzettend bang waren voor deze onbekende man. Hierna hoorden wij de man schreeuwen en zagen wij dat hij met een lang keukenmes boven zijn hoofd richting ons rende. Wij zijn nog verder de keuken ingestapt en we zagen dat de man de eettafel heel snel voorbij liep en ons daarbij bleef aankijken. Wij gebaarden hem te gaan en we zagen dat de man door het woonkamerraam naar buiten vluchtte.
Samen met de politie ter plaatse zijn wij naar de bovenverdieping gelopen. We zagen dat alle kasten en kastjes opengezet waren en de gordijnen waren gesloten. Wij hebben deze open gezet toen we weggingen. De verdachte heeft alle waardevolle spullen klaargelegd op de kamer rechtdoor als je de trap op komt lopen.
2. Het proces-verbaal forensisch onderzoek woning ([adres 2] America), opgemaakt op 7 februari 2024, voor zover inhoudende (p. 30 en p. 31):
Op 4 februari 2024 omstreeks 09:50 uur kwam ik, naar aanleiding van een gekwalificeerde diefstal in/uit woning, voor forensisch onderzoek aan op de locatie [adres 2] te America. De dader bereikte de woning mogelijk via de brandgang. De brandgang is via een zijde vrij toegankelijk. Via deze brandgang komt men bij een houten tuinafscheiding voorzien van een houten tuinpoort. Bij navraag bleek dat de tuinpoort zowel voor als na de inbraak was afgesloten. Kijkend vanuit de brandgang naar de tuinpoort was een veegspoor zichtbaar op het langschild. Mogelijk dat de dader de deurkruk had gebruikt als opstap om over de tuinpoort te gaan en op deze wijze in de achtertuin te komen.
Ik, verbalisant, zag dat het houten woonkamerraam was opengebroken. De dader had met een breekvoorwerp in de sluitnaad gewrikt en op deze wijze het woonkamerraam kunnen openen. Via het woonkamerraam kreeg de dader toegang tot de woning. Op de ruit van dit inklimraam was een handschoenspoor zichtbaar. Het spoor bevond zich op de buitenzijde van het raam. Het spoor is middels een wattenstaafje bemonsterd, veiliggesteld en voorzien van een SIN.
Biologisch spoor
SIN [kenmerk 1]
Spooromschrijving: Epitheel
Wijze veiligstellen: Wattenstaafje
Datum/tijd veiligstellen: 4 februari 2024 om 10:26 uur
Plaats veiligstellen: Veegspoor (hss)buiten op ruit inklimraam
3. Het geschrift, te weten een deskundigenrapportage forensisch DNA-onderzoek, voor zover inhoudende (p. 38):
4. Het proces-verbaal van bevindingen , opgemaakt op 16 mei 2024, voor zover inhoudende (p. 48 tot en met p. 51):
Op 3 februari 2024 hebben de bewoners van de woning gelegen aan de [adres 2] in America, toen ze op die dag omstreeks 18:43 uur thuiskwamen, een inbreker betrapt. Ten behoeve van de telecomanalyse is een netwerkmeting uitgevoerd op de plaats delict. Vervolgens werden de mast-verkeergegevens opgevraagd.
Vervolgens werd het adres [adres 4] in Zoetermeer CIOT bevraagd door middel van een vordering ex. artikel 126na van het Wetboek van Strafvordering. Daaruit bleek dat op dit adres een telefoonnummer was geregistreerd dat in gebruik zou zijn bij [verdachte]. Dit is het nummer [telefoonnummer 1]. Hierna [telefoonnummer 1].
Van dit nummer werden de historische verkeersgegevens opgevraagd voor de periode gelegen tussen 03-02-2024 09.00 uur tot en met 03-02-2024 23.59 uur.
Uit de analyse van deze gegevens bleek dat dit nummer op 3 februari 2023 gekoppeld is geweest aan het IMEI-nummer [IMEI]. Van dit IMEI- nummer werden ook de historische verkeergegevens opgevraagd voor de periode 03-02-2024 09.00 uur tot en met 03-02-2024 23.59 uur.
Door analyse van deze gegevens bleek mij het volgende:
Het nummer [telefoonnummer 1] kwam op 3 februari 2024 niet voor op de mastverkeergegevens van de plaats delict [adres 2] in America.
Het nummer [telefoonnummer 1] en het daarbij behorende IMEI-nummer [IMEI] hebben op 3 februari 2024 een reisbeweging gehad vanuit de omgeving Zoetermeer-Vlaardingen naar de omgeving van Helmond.
Op 3 februari 2024 werd het nummer [telefoonnummer 1] om 16:21 uur gebeld door het nummer [telefoonnummer 2]. Het nummer[telefoonnummer 1] was toen in het geografisch gebied van de Cell id Odido-[nummer 1] ([adres 5] Zoetermeer, antennerichting 120). Omstreeks 16:42 uur werd [telefoonnummer 1] nog een keer gebeld door hetzelfde nummer voor een duur van 58 seconden. Het nummer [telefoonnummer 1] was toen in het geografisch gebied van de Cell id Odido-[nummer 2] ([adres 6] Zoetermeer, antennerichting 240). Het woonadres van de verdachte [verdachte], de [adres 4] in Zoetermeer ligt in de geografische gebieden van beide Cell id’s.
Op diezelfde dag werd het nummer [telefoonnummer 1] om 17:09 uur nog een keer door [telefoonnummer 2] gebeld (belpoging). [telefoonnummer 1] was toen in het geografisch gebied van de Cell id Odido-[nummer 3] (A12 Waarder nabij hpm 39,9, antennerichting 280). Daarna heeft [telefoonnummer 1] het nummer [telefoonnummer 2] om 17:18 uur teruggebeld. Gespreksduur 75 seconden. [telefoonnummer 1] was toen in het geografisch gebied van de Cell id Odido-[nummer 4] ([adres 7] Nieuwegein, antennerichting 0). Dit was ter hoogte van het knooppunt Oudenrijn tussen de autosnelwegen de A12 en de A2. Om 17:33 uur werd [telefoonnummer 1] nog een keer door [telefoonnummer 2] gebeld. Toen vond er een gesprek van 272 seconden plaats. [telefoonnummer 1] was toen in het geografisch gebied van de Cell id Odido- [nummer 5] ([adres 8] Zaltbommel, antennerichting 340). In het geografisch gebied van deze Cell-id ligt onder andere de Autosnelweg A2. Daarna was [telefoonnummer 1] op 3 februari 2024 tussen 17:53 uur en 18:10 uur in het geografisch gebied van de Cell id Odido-[nummer 6] (Berkveld omg. Helmond, antennerichting 350) in het geografisch gebied van deze Cell id ligt onder andere de N270 ( Deurneseweg).
Het is daarom aan te nemen dat [telefoonnummer 1] op 03 februari 2024 tussen 16:21 uur en 18:10 uur een reisbeweging heeft gemaakt van Zoetermeer naar in ieder geval Helmond.
Het is niet uit te sluiten dat hij toen via de A12, de A2 en de N270 is gereisd.
Het is daarom niet uit te sluiten dat de verdachte [verdachte] op 3 februari 2024 om 18:43 uur ook in America kan zijn geweest. De afstand tussen de Cell-id Odido-[nummer 6] (Berkveld, omg Helmond) en het adres [adres 2] in America is ongeveer 23 kilometer.
5. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 9 maart 2024, voor zover inhoudende (p. 52 en p. 53):
Pleeg datum feit: 3-2-2024 tussen 18.43u (thuiskomst ring deurbel)
Locatie feit: [adres 2] America Horst aan de Maas
Getuige
[getuige]
Getuige verklaarde dat:
- Ze zagen in de woonkamer, linksachter in de woning, dat er een raam was opengebroken.
Toen besloten ze vanuit de keuken door de woonkamer naar de voordeur te lopen. Vanuit de
woonkamer liepen ze richting de hal en daar stond een man met een mes in zijn rechterhand. Hij had zijn rechterhand gebald tot vuist om het mes, hij had zijn hand naast zijn hoofd opgeheven met de punt van het mes in de richting van aangever en getuige. Hij gilde onverstaanbaar en kwam op hen af.
6. Het proces-verbaal van aangifte door [aangever 2], opgemaakt op 27 juni 2025, voor zover inhoudende (p. 56 en p. 57):
Ik ben woonachtig op de [adres 3] te Noordwijkerhout. Mijn woning is aan de achterzijde omringd door een tuin, welke is afgesloten door een poort. Vandaag op 28 februari 2024 omstreeks 14.00 uur heb ik de woning verlaten en heb zowel de woning en de poort rondom afgesloten en schadevrij achtergelaten. Vandaag omstreeks 20.00 uur kwam ik thuis. Ik ben via de voordeur de woning binnen gegaan. Toen ik de gang in liep zag ik dat de kastjes onder de kapstok open stonden welke normaal dicht zitten. Toen ik de woonkamer in liep viel mij op dat de kastjes onder de televisie open stonden en het licht in de gang aan stond. Ik ben toen doorgelopen naar de slaapkamer welke zich achter de woonkamer bevindt. Ik zag dat ook hier mijn kast open stond. In de kast hangt mijn kluis. Deze zit met drie bouten in de muur. Ik zag dat de kluis weg was. Tevens stond het raam naar de tuin open. Ik zag dat het raam opengebroken was. Ik ben toen de tuin ingelopen. Ik zag dat mijn lamp met bewegingssensor van de muur was getrokken. Ik ben doorgelopen naar de poort en zag dat deze open stond en dat deze ook was opengebroken.
Ik stuur u een bijlage met de goederen welke zijn weggenomen.
Bijlage goederen
Geld, totaal 500 euro contant
Gouden zegelring met inscriptie bvk
Gouden verlovingsring met inscriptie ada
kentekenbewijzen kenteken [kenteken]
reservesleutel Toyota Yaris [kenteken]
kentekenbewijs scooter
reservesleutel brommer
2 x zilveren tientje
rozenkrans vorm schelp met daarin rijksdaalder briefjes
7. Het proces-verbaal forensisch onderzoek woning ([adres 3] Noordwijkerhout), opgemaakt op 6 maart 2024, voor zover inhoudende (p. 66 tot en met p. 69):
Op 29 februari 2024 om 12:16 uur kwamen wij, naar aanleiding van een gekwalificeerde diefstal in/uit woning, voor forensisch onderzoek aan op de locatie [adres 3] te Noordwijkerhout. Het betreft een tussenwoning met twee woonlagen.
Wij zagen in de tuin dat:
- het buitenlicht tegen de schutting, gezien vanaf de woning, direct aan de linkerzijde van de tuin, op de grond lag;
- de nachtschoot van de poortdeur verbroken was;
- het naar buitenslaande slaapkamerraam verbroken was;
- er twee in- en tegendruksporen waren van een werktuig, vermoedelijk veroorzaakt door een schroevendraaier, aan de sluitzijde van het verbroken slaapkamerraam;
- er op de buitenzijde van het raam een viertal vettige vegen op ongeveer 1.80 meter hoogte vanaf de grond zaten. Ik, verbalisant, heb de vettige vegen op het raam bemonsterd op de mogelijke aanwezigheid van humaan biologisch celmateriaal met behulp van twee wattenstaafjes en steriel water en voorzien van Spoor Identificatie Nummer (SIN) [kenmerk 2].
8. Het geschrift, te weten een rapport Forensisch DNA-onderzoek door TMFI, voor zover inhoudende (p. 70 tot en met p. 72):
De resultaten van het (vergelijkend) DNA-onderzoek zijn weergegeven in Tabel 2.
Om een uitspraak te doen over het mogelijk aanwezig zijn van DNA van [verdachte] in de bemonstering [kenmerk 2] is de likelihood-ratio (LR) methode toegepast. Daarbij worden de resultaten bezien in het licht van twee, elkaar uitsluitende hypothesen.
Hypothese 1: de bemonstering bevat DNA van [verdachte] en één onbekende persoon.
Hypothese 2: de bemonstering bevat DNA van twee onbekende personen.
De resultaten van het onderzoek zijn extreem veel waarschijnlijker wanneer hypothese 1 juist is dan wanneer hypothese 2 juist is.
9. Het proces-verbaal van bevindingen , opgemaakt op 20 november 2024, voor zover inhoudende (p. 86 tot en met p. 88):
Door tussenkomst van de officier van justitie werd de historische verkeersgegevens gevorderd van het telefoonnummer [telefoonnummer 1] over de periode van 20 februari 2024 t/m 5 maart 2024. Het telefoonnummer [telefoonnummer 1] stond op 29 februari 2024 op naam van [verdachte]. Het telefoonnummer werd in de gevorderde periode gebruikt i.c.m. Galaxy S22 ULTRA met het IMEI-nummer [IMEI].
In de gevorderde periode heeft het telefoonnummer het meest gebruikt gemaakt van basisstations die stonden aan de [adres 5] en [adres 6] beiden in Zoetermeer. Deze basisstation stonden onder andere in de richting van de [adres 4] in Zoetermeer. [verdachte] stond van 5 oktober 2022 t/m 1 juli 2024 ingeschreven op het adres [adres 4] in Zoetermeer.
In de gevorderde periode waren er contacten geregistreerd met onder andere de telefoonnummers:
- [telefoonnummer 3] op naam van [naam 2] adres [adres 9] in [plaats];
- [telefoonnummer 4] op naam van [naam 3] adres [adres 9] in [plaats].
Sara en [naam 3] zijn de zussen van [verdachte].
28 februari 2024
In de periode tussen 17:02 en 17:47 uur heeft het telefoonnummer gebruik gemaakt van een basisstation aan de [adres 10] in Leiden. Dit basisstation stond onder andere in de richting van het viaduct Plesmanlaan A44. Bij dit viaduct kan men de afslag nemen richting de Provincialeweg N206 die onder andere loopt richting Noordwijkerhout.
Het telefoonnummer werd om 19:43 en 20:02 uur doorgeschakeld bij inkomende gesprekken. Bij deze registraties werden geen basisstations en IMEI-nummers geregistreerd waardoor het meer dan zeer aannemelijk is dat de telefoon uit stond.
Om 22:25 uur werd er gebruik gemaakt van een basisstation in Den Haag. Hierna om 23:28 uur werd er gebruik gemaakt van een basisstation in Zoetermeer de toenmalige woonplaats van [verdachte]. In de gevorderde periode (twee weken) heeft het telefoonnummer alleen op 28 februari 2024 gebruik gemaakt van een basisstation in Leiden of in de directe omgeving van Leiden.