Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
- de eis in reconventie, met producties;
Rechtbank Den Haag
Partijen zijn ex-echtgenoten die afspraken maakten over de voormalige echtelijke woning na hun echtscheiding in 2025. De man wenste de woning over te nemen tegen een door hem eenzijdig gegeven taxatiewaarde van €925.000, terwijl de vrouw een hogere waarde aanhield. Rabobank, de hypotheekhouder, had de hypotheek opgezegd en dreigde met executie.
De man vorderde in kort geding dat hij gerechtigd was de woning over te nemen tegen zijn taxatiewaarde en dat de vrouw medewerking moest verlenen aan de levering. De vrouw vorderde in reconventie dat de man meewerkt aan verkoop aan een derde, onder begeleiding van een makelaar, om een hogere opbrengst te realiseren dan bij executie.
De rechtbank oordeelde dat de man geen recht had op overname tegen een eenzijdige taxatie en dat de vrouw niet verplicht kon worden tot medewerking aan die overname. Wel werd de man veroordeeld om mee te werken aan verkoop aan een derde, met een makelaar, om executie te voorkomen. De kosten werden tussen partijen gecompenseerd.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en bevat een dwangsomregeling indien de man niet meewerkt aan de verkoop en levering. De rechtbank benadrukte het belang van onderhandse verkoop voor een hogere opbrengst dan openbare executie.
Uitkomst: Vordering man tot overname woning afgewezen; man veroordeeld tot medewerking aan verkoop aan derde onder makelaarsbegeleiding.