Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:14810

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 juni 2026
Publicatiedatum
3 juni 2026
Zaaknummer
C/09/702323 / KG ZA 26-329
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 130 RvArt. 6:119 BWAanbestedingswet 2012
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vorderingen inzake beoordeling kwalitatief criterium tolkendienstverlening op afstand

De Politie heeft een Europese openbare aanbesteding uitgeschreven voor tolkendienstverlening op afstand, waarbij het kwalitatieve criterium W-1.4.1 eist dat inschrijvers software gebruiken die tolken automatisch roteert op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens voor een eerlijke verdeling van opdrachten.

Acolad en Global Talk hebben ingeschreven. Acolad kreeg nul punten voor W-1.4.1 omdat de Politie oordeelde dat zij opdrachten alleen verdeelt onder tolken met het laagste tarief en niet op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens. Acolad betwistte dit en vorderde herbeoordeling, loting of heraanbesteding.

De voorzieningenrechter oordeelt dat W-1.4.1 inhoudt dat opdrachten automatisch moeten worden geroteerd tussen beschikbare tolken op basis van genoemde criteria en dat selectie alleen op prijs niet voldoet. Acolad heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij aan deze eis voldoet. Ook is het criterium niet voor meerderlei uitleg vatbaar. De vorderingen worden afgewezen en Acolad wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De vorderingen van Acolad worden afgewezen en de gunningsbeslissing ten gunste van Global Talk wordt bevestigd.

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Team handel - voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/09/702323 / KG ZA 26-329
Vonnis in kort geding van 2 juni 2026
in de zaak van
ACOLAD NETHERLANDS B.V.te Amstelveen,
eiseres,
hierna te noemen: Acolad,
advocaten: mr. B. Nijhof en mr. E.H. Kranendonk,
tegen
DE POLITIEte Den Haag,
gedaagde,
hierna te noemen: de Politie,
advocaten: mr. V. Jasarevic en mr. M. Verschoor,
waarin is tussengekomen
GLOBAL TALK NETHERLANDS B.V.te Hengelo
hierna te noemen: Global Talk,
advocaten: mr. L.E.M. Haverkort en mr. drs. C.S. Korthaus.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 31 maart 2026, met producties;
- de akte vermeerdering van eis ex artikel 130 Rv Pro, tevens houdende akte overlegging producties, met producties;
- de schriftelijke reactie van de Politie;
- de incidentele conclusie tot tussenkomst subsidiair voeging van Global Talk.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 18 mei 2026. De advocaten van Acolad, de Politie en Global Talk hebben ter zitting het woord gevoerd aan de hand van pleitnotities. Deze pleitnotities maken deel uit van het dossier.
1.3.
In de aanloop naar dit kort geding heeft Acolad de dagvaarding en de producties, met uitzondering van de producties 12, 13 en 16 verstrekt aan Global Talk. Acolad heeft geweigerd om de producties 12 en 16 en om meer dan een beperkt deel van productie 13 aan Global Talk ter beschikking te stellen, omdat de niet ter beschikking gestelde delen volgens haar concurrentiegevoelige informatie bevatten. Voorafgaand aan de mondelinge behandeling heeft Global Talk de voorzieningenrechter verzocht om Acolad te gebieden om de volledige versies van de producties 12, 13 en 16 aan haar ter beschikking te stellen. De voorzieningenrechter heeft partijen meegedeeld dat tijdens de mondelinge behandeling wordt beslist over het verzoek van Global Talk en dat in dat kader ook aan de orde zal komen of de beslissing op alleen het dossier met de gezwarte passages kan worden genomen. Gelet op deze discussie heeft de voorzieningenrechter geen kennisgenomen van (de ongeschoonde delen van) de producties 12, 13 en 16.
1.4.
Na de toelating van Global Talk als tussenkomende partij heeft Global Talk opnieuw bezwaar gemaakt tegen de gedeeltelijke terbeschikkingstelling van de producties 12, 13 en 16. Hiertegenover heeft Acolad haar standpunt gehandhaafd dat de niet verstrekte producties vertrouwelijke informatie bevatten. Daarnaast heeft zij aangevoerd dat zij deze vertrouwelijke informatie op grond van het bepaalde op pagina 15 van de Inschrijvingsleidraad niet met Global Talk hoeft te delen. Zij heeft verder verklaard dat zij slechts beperkt gebruik maakt van de betreffende producties. Daartegenover heeft Global Talk gesteld dat alle partijen in beginsel over dezelfde stukken moeten kunnen beschikken en dat zij niet kan nagaan of de niet ter beschikking gestelde producties inderdaad vertrouwelijk zijn. Global Talk heeft verder verklaard dat zij open staat voor een praktische oplossing, waarbij zij zich zo nodig na een tussentijds oordeel over de vertrouwelijke stukken wenst te kunnen uitlaten. De Politie heeft verklaard dat het haar belang is dat het kort geding voortvarend verloopt en dat het geen langdurig proces mag worden met aktewisselingen.
1.5.
De voorzieningenrechter heeft partijen voorgehouden dat alle procespartijen (dus ook de toegelaten partij) in beginsel over dezelfde stukken moeten kunnen beschikken, dat uitzonderingen tot het uiterste moeten worden beperkt en dat het maar zeer de vraag is of het bepaalde in de Inschrijvingsleidraad daaraan wat verandert. Bij het toestaan van een uitzondering is van belang of de partij die aanspraak maakt op gedeeltelijke geheimhouding voldoende in staat is haar stellingen te onderbouwen zonder de letterlijke inhoud van de (mogelijk) vertrouwelijke producties en of werkelijk sprake is van (bedrijfs)vertrouwelijke gegevens.
1.6.
Uiteindelijk hebben partijen de voorzieningenrechter verzocht om in beginsel uit te gaan van het geschoonde dossier en om alleen ingeval de niet aan Global Talk verstrekte stukken relevant blijken te zijn een tussentijds oordeel te geven over de verstrekking van die stukken aan Global Talk. Daarnaast heeft Acolad verklaard er geen bezwaar tegen te hebben indien de Politie in haar pleidooi verwijst naar de producties, die (vooralsnog) niet aan Global Talk zijn verstrekt. Partijen hebben dienovereenkomstig gehandeld.
1.7.
Vonnis is bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
Op 26 november 2025 heeft de Politie de aankondiging gedaan voor de Europese openbare aanbesteding Tolkendienstverlening op afstand (hierna: de Opdracht). Op de aanbestedingsprocedure is de Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012) van toepassing.
2.2.
De aanbestedingsprocedure is omschreven in de Inschrijvingsleidraad van 19 december 2025 (hierna: de Inschrijvingsleidraad), met bijlagen en in de Nota van Inlichtingen.
2.3.
Onder tolkendienstverlening op afstand verstaat de Politie tolkendienstverlening via telefoon, waarbij een Rbtv [1] -geregistreerde tolk via een telefoon met een telefoon luistert naar dat wat door een ander wordt gezegd en dat vertaalt en mondeling aan de toehoorders weergeeft. Gemiddeld neemt de Politie dagelijks 500 grote of kleine telefonische tolkdiensten af. Hierbij moet steeds binnen enkele minuten een verbinding met een geschikte tolk tot stand worden gebracht. Met de aanbestedingsprocedure beoogt de Politie een opdrachtnemer te contracteren die verantwoordelijk is voor de levering van tolkdienstverlening. De Opdracht omvat onder meer de volgende werkzaamheden:
  • De werving en selectie van tolken;
  • De coördinatie van aanname, invulling en uitvoering van bestellingen voor tolkopdrachten;
  • De aanname en registratie van een bestelling;
  • De selectie en levering van een (geschikte) Rbtv-geregistreerde tolk, afgestemd op de gesprekssituaties bij en afgestemd op de eisen van de Politie;
  • De registratie van de duur van een tolkopdracht;
  • De meting en registratie van de kwaliteit van de tolkopdracht;
  • (...)
  • De beheersing, meting, registratie en rapportage van de leveranciersprestaties;
  • Het ter beschikking stellen en operationeel houden van ondersteunende faciliteiten ten behoeve van de tolkdienstverlening gedurende de looptijd van de overeenkomst, waaronder: De IT-faciliteiten voor de ondersteuning van het generieke bestelproces;
  • Een bestelproces en -systeem;
(...)”.
2.4.
De tolken verrichten hun werkzaamheden als ZZP’er voor de opdrachtnemer en worden door de opdrachtnemer per minuut betaald. In de aanbestedingsprocedure is een bandbreedte opgegeven voor de tarieven (inclusief de vergoeding aan de tolk) die de intermediair aan de Politie mag rekenen. Deze bandbreedte ligt op een uurtarief tussen € 85,00 en € 110,00 exclusief btw. Daarnaast heeft de Politie voorgeschreven dat de opdrachtnemer te allen tijde ten minste het van overheidswege (op grond van het Besluit tarieven in strafzaken) vastgestelde minimumtarief aan de tolk moet betalen. Het tarief voor tolken bedraagt in 2026 ten minste € 64,66 per uur.
2.5.
Het gunningscriterium is de economisch meest voordelige inschrijving op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding. In paragraaf 5.3 van de Inschrijvingsleidraad is bepaald dat bij gelijke scores op kwaliteit en prijs, loting plaatsvindt door een door de Politie aan te wijzen notaris.
2.6.
De kwalitatieve criteria bestaan uit vijf in subonderdelen verdeelde wensen, waarbij het aan de inschrijvers is om aan te tonen welke wensen realiseerbaar zijn en hoe zij daaraan invulling geven. Inschrijvers moeten hiervoor bij hun inschrijving bewijsstukken of een beschrijving per wens indienen en dit toelichten tijdens een presentatie/demonstratie te houden op locatie van de inschrijver. Voor de wensen zijn in het totaal 700 punten te behalen. Er worden alleen 0-scores of volledige punten toegekend. Indien een inschrijver een wens met JA beantwoord, krijgt hij automatisch de volledige punten. Het onvoldoende of onjuist aantonen hoe aan de wensen wordt voldaan in de inschrijving of tijdens de demonstratie/presentatie kan alsnog leiden tot het bijstellen van de score naar een 0-score.
2.7.
Wens 1.4.1 (hierna: W-1.4.1) en de daarop gegeven toelichting luiden als volgt:

De Inschrijver gebruikt software die tolken automatisch roteert op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens.
Toelichting: EP04

Inschrijver toont aan op welke wijze tolken worden toegewezen aan geplaatste
aanvragen. De Politie waardeert een eerlijke verdeling van het werk, waarbij wel
rekening gehouden wordt met de prestaties van de door de tolk geleverde
tolkdiensten. Laat zien hoe je de juiste tolk op het juiste moment inzet.
2.8.
In de Nota van Inlichtingen zijn met betrekking tot W-1.4.1 en de gevraagde “eerlijke verdeling” – voor zover hier van belang – de volgende vragen en antwoorden opgenomen:
Vraag 40:
“(...)
Wij vinden dit criterium in de huidige vorm onvoldoende objectief en toetsbaar, met name door de term “eerlijke verdeling”. Wat namelijk als "eerlijk" wordt beschouwd kan sterk uiteenlopen en kan bovendien op gespannen voet staan met de primaire doelstellingen van de aanbesteding, zoals leveringszekerheid, matchtijd en KPI’s. - Ter illustratie (1): een volledig evenredige verdeling (bijv. 100 opdrachten over 100 tolken) is “eerlijk” in aantallen, maar is in de praktijk ongewenst omdat het leidt tot minder commitment van tolken en dit leidt tot minder optimale matches. - Ter illustratie (2): de zelfstandige tolken zijn vrij om zelf hun tarief te bepalen en vanuit categoriemanagement wordt al jaren "marktwerking" gewenst. Stel er zijn 5 tolken in een bepaalde taal en vanuit het principe van marktwerking zijn er 4 tolken die het wettelijk minimum tarief (€62.66) hanteren en 1 tolk hanteert 100 euro als tarief. Verder zijn ze gelijkwaardig. Welke verdeling is in dit voorbeeld "eerlijk"? Het is in onze optiek niet "eerlijk" tegenover de 4 tolken om de duurdere tolk het evenredige deel van de opdrachten te geven. Kunt u daarom verduidelijken wat de Politie precies verstaat onder “eerlijke verdeling van het werk” en op basis van welke objectieve criteria dit wordt beoordeeld? Tevens horen wij graag welke doelstelling prioriteit heeft wanneer “eerlijke verdeling” conflicteert met KPI’s zoals matchtijd en levernauwkeurigheid.
Antwoord

De wens betreft "De Inschrijver gebruikt software die tolken automatisch roteert op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens." Opdrachtgever geeft voor de onderbouwing aan dat een eerlijke verdeling wordt gewaardeerd. Het doel van deze wens is om te borgen dat werkzaamheden voor de Politie voor een brede groep tolken beschikbaar wordt en bijvoorbeeld niet enkel toebedeeld wordt aan de goedkoopste. De Opdrachtnemer dient de KPI te behalen. U systeem dient invulling te geven aan de gestelde eisen. Dit is een wens, invulling hieraan geven mag niet tegenstrijdig zijn met de eisen waardoor deze niet kan conflicteren met de gestelde eisen.
Vraag 221

Vervolgvraag op antwoorden 40, 151 en 185: De antwoorden op vragen 40 en 185 gaan naar onze mening onvoldoende in op de kern van de gestelde vragen. In geen van de antwoorden wordt concreet uitgelegd wat de Politie precies verstaat onder een “eerlijke verdeling” van opdrachten. Algemene termen als “automatisch roteren op basis van tijd, taakduur of prestatie” bieden geen objectief of controleerbaar kader voor inschrijvers. Ook blijft onduidelijk hoe deze wens zich verhoudt tot andere gunningsdoelstellingen zoals KPI’s, tariefprikkels en leverzekerheid. Daarnaast blijft de fundamentele vraag uit vraag 151 onbeantwoord: hoe verhoudt deze ‘eerlijke verdeling’ zich tot marktwerking onder tolken? Het ‘eerlijk’ verdelen van opdrachten tussen tolken staat haaks op het principe van concurrentie en marktwerking zoals dat binnen rijksbrede aanbestedingen wordt nagestreefd. In plaats van marktprikkels lijkt hier een coöperatief model te worden verlangd, zonder dat hiervoor een transparante systematiek of juridische onderbouwing wordt geboden. Ook merken wij op dat de titel van de wensvraag luidt: “De Inschrijver gebruikt software die tolken automatisch roteert op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens.” Wij hebben eerder gevraagd waarom deze wens expliciet stuurt op inzet van software en op automatische rotatie. Dit is technisch en inhoudelijk zeer specifiek en sluit alternatieve, wellicht effectievere vormen van eerlijke verdeling uit. Wij vragen de Politie om ook op dit aspect nader toe te lichten waarom voor deze specifieke invulling is gekozen. Blijkens het aantal vragen en de inhoudelijke onduidelijkheid die deze wensvraag oproept, stellen wij voor om de wensvraag geheel te laten vervallen. Mocht de Politie ervoor kiezen om de wensvraag toch te handhaven, dan verzoeken wij om in de Nota van Inlichtingen alsnog inhoudelijk in te gaan op alle gestelde vragen over dit onderwerp.
Antwoord

Vraagsteller in deze vraag geeft aan dat het invulling geven aan deze wens er voor zorgt dat er niet op basis van kwaliteit, beschikbaarheid en prijs geselecteerd kan worden. De wens is juist bedoeld om de marktwerking te bevorderen en te voorkomen dat er enkel op beschikbaarheid en prijs wordt geselecteerd en dat er bij gelijke variabelen dezelfde tolken worden ingezet. De wens richt zich er op dat er een eerlijke verdeling komt op het moment dat de door de Opdrachtnemer bepaalde variabelen gelijk zijn. Voorbeeld: Er wordt een tolk aangevraagd in taal X. Er zijn 30 tolken beschikbaar in betreffende taal. Op moment van bestellen zijn dit er 15. Van deze 15 hebben 5 tolken dezelfde lage prijs en hoge kwaliteit. Enerzijds richt de vraag op hoe Inschrijvers omgaan met het verschil in kwaliteit. En anderzijds op het rouleren bij gelijke geschiktheid. Er wordt bijvoorbeeld 1 tolk geselecteerd om de opdracht uit te voeren. Stel exact dezelfde situatie ontstaat een andere dag
weer. Inschrijver dient aan te geven op welke wijze dan gerouleerd wordt.
2.9.
Onder meer Acolad en Global Talk hebben een inschrijving ingediend voor de aanbesteding.
2.10.
In haar inschrijving heeft Acolad met betrekking tot W-1.4.1 toegelicht dat zij in haar matchingsproces onderscheid maakt tussen drie stappen:
  • Voorselectie, waarin bepaald wordt welke tolken de opdracht kunnen uitvoeren. Hiervoor werkt Acolad met een zogenoemde tolkenpool;
  • Uitnodigingsvolgorde, waarin bepaald wordt in welke volgorde de gematchte tolken worden benaderd;
  • Uitnodigingen, waarbij de tolken feitelijk worden benaderd.
2.11.
In de toelichting van Acolad op W-1.4.1 staat met betrekking tot de uitnodigingsvolgorde van de tolken onder meer het volgende:

Bij het vaststellen van de volgorde van tolken is tarief geen doorslaggevend criterium. Na matching en beschikbaarheidscontrole worden tolken ingedeeld in een beperkte en vaste tariefcategorie-indeling, waarbij het vastgestelde minimumtarief volgens het Btis als ondergrens fungeert. Binnen eenzelfde tariefcategorie worden tolken als gelijkwaardig beschouwd. Hiermee wordt voorkomen dat toewijzing structureel verschuift naar uitsluitend de goedkoopste tolken, terwijl gelijktijdig wordt voldaan aan de geldende KPI’s en leveringsafspraken.
2.12.
In de toelichting van Acolad op W-1.4.1 staat met betrekking tot (taak)duur het volgende:

Beschikbaarheid en verwachte tolktijd
Bij het matchen van tolken wordt rekening gehouden met de door de Besteller opgegeven verwachte taakduur van de tolkdienst. Acolad Live controleert of deze verwachte taakduur past binnen de door de tolk opgegeven periode van ad-hoc beschikbaarheid of binnen de vastgelegde generieke beschikbaarheid. De taakduur wordt hierbij gebruikt als begrenzingsparameter binnen het automatische matchings- en uitnodigingsproces.
Tolken bij wie de verwachte duur niet past binnen hun beschikbare tijdsvenster, worden uitgesloten van verdere matching. Daarmee wordt per aanvraag gewaarborgd dat uitsluitend tolken worden geselecteerd die de opdracht daadwerkelijk kunnen uitvoeren en dat de juiste tolk op het juiste moment wordt ingezet.
2.13.
Op 12 februari 2026 heeft de presentatie/demonstratie van Acolad plaatsgevonden. Tijdens deze presentatie/demonstratie heeft Acolad haar software gedemonstreerd, die per tolkenaanvraag de uitnodigingsvolgorde bepaalt.
2.14.
Bij brief van 26 februari 2026 heeft de Politie aan Acolad meegedeeld dat zij als tweede is geëindigd en dat zij voornemens is de Opdracht te gunnen aan Global Talk. Uit de toelichting bij de voorlopige gunningsbeslissing volgt dat Acolad alle wensen met “Ja” heeft beantwoord, maar dat de Politie na verificatie heeft vastgesteld dat Acolad W-1.4.1 niet invult zoals gevraagd en dat zij daarom voor deze wens 0 punten heeft toegekend. In de toelichting staat hierover het volgende:

Uit de onderbouwing bij uw beantwoording op dit commitment blijkt dat de opdrachten alleen worden verdeeld onder de tolken met het laagste tarief. In uw onderbouwing schrijft u het volgende:
“Prestatiegegevens beïnvloeden bewust niet de uitnodigingsvolgorde per afzonderlijke opdracht, om subjectieve rangschikking, prestatiedruk en onevenredige inzet van individuele tolken te voorkomen”
Tijdens de demonstratie is dit bevestigd. U heeft in uw demonstratie van het systeem laten zien hoe een opdracht aan tolken wordt toegekend. Daarbij heeft u toegelicht en laten zien hoe de opdracht wordt toegekend aan tolken met het laagste tarief. De gevraagde elementen “tijd, taakduur of prestatiegegevens” spelen geen van allen een rol in de toekenning van de opdrachten aan de tolken.
Uit de toelichting volgt verder dat Global Talk de maximale punten heeft gescoord voor de wensen (ook voor W-1.4.1).
2.15.
Bij brief van 6 maart 2026 heeft Acolad bezwaar gemaakt tegen de voorlopige gunningsbeslissing. In deze brief heeft zij gesteld dat zij wel aan W-1.4.1 voldoet, omdat zij de tolkopdrachten niet alleen gunt aan tolken met het laagste tarief en dat tijd, taakduur en prestatiegegevens wel een rol spelen bij de toekenning van de opdrachten.
In deze brief heeft Acolad met betrekking tot de indeling op tarief onder meer het volgende geschreven:

Daarnaast hebben wij in de onderbouwing uiteengezet dat het toewijzingsproces uit meerdere stappen bestaat (voorselectie, het bepalen van de uitnodigingsvolgorde en het feitelijk uitnodigen), waarbij tarief pas na de inhoudelijke matching en beschikbaarheidscontrole een rol speelt in de vorm van categorisering. Daarbij worden tolken ingedeeld in tariefcategorieën met per categorie een tariefbandbreedte die in de praktijk varieert tussen circa €5 en €10. Tolken die binnen dezelfde categorie vallen worden als gelijkwaardig behandeld bij het bepalen van de uitnodigingsvolgorde en binnen die categorie wordt rotatie toegepast. Hiermee wordt juist geborgd dat de uitnodiging en inzet niet automatisch naar één (steeds dezelfde) goedkoopste tolk verschuift.
2.16.
Bij brief van 26 maart 2026 heeft de Politie aan Acolad meegedeeld dat zij de bezwaren van Acolad niet deelt en dat zij bij haar beslissing blijft dat de inschrijving van Acolad niet voldoet aan W-1.4.1. In deze brief heeft de Politie toegelicht dat zij hecht aan een eerlijke verdeling van het werk tussen de tolken en dat de verdeling moet plaatsvinden nadat is vastgesteld welke tolken beschikbaar zijn voor een opdracht. Volgens de toelichting moet de inschrijver er door middel van software voor zorgen dat er automatisch wordt gerouleerd op basis van tijd, taakduur en prestatiegegevens tussen de beschikbare tolken, zodat niet elke keer dezelfde tolk aan de beurt is. Daarbij heeft de Politie verder toegelicht dat zij een prikkel heeft willen inbouwen voor tolken om beter te presteren en dat zij het eerlijk vindt dat als een tolk beter presteert, deze tolk ook meer opdrachten krijgt. Verder heeft de Politie toegelicht dat zij ook een verdeling aan de hand van tijd en taakduur eerlijk acht, omdat zij wil voorkomen dat één tolk bijvoorbeeld telkens een opdracht krijgt van één minuut en een andere tolk telkens opdrachten van een kwartier.

3.Het geschil

3.1.
Na vermeerdering van eis vordert Acolad, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, samengevat:
primair:
I. De Politie te gebieden om de voorgenomen gunningsbeslissing in te trekken;
II. De Politie te gebieden over te gaan tot een herbeoordeling van wens W-1.4.1, waarbij aan Acolad het volledige aantal punten wordt toegekend, althans met inachtneming van wat in dit vonnis wordt overwogen;
III. De Politie te gebieden binnen één week na dit vonnis de loting te organiseren en de uitslag daarvan mede te delen aan Acolad, Global Talk en de andere betrokken inschrijvers;
subsidiair:
I. De Politie te gebieden de gunningsbeslissing in te trekken, althans hieraan geen verdere uitvoering te geven, de aanbesteding te staken en gestaakt te houden en de Politie te verbieden met Global Talk op basis van de gunningsbeslissing te contracteren;
II. indien en voor zover de Politie de opdracht nog wil vergeven, de opdracht opnieuw aan te besteden;
primair en subsidiair op straffe van een dwangsom en met veroordeling van de Politie in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
3.2.
Acolad legt aan de vordering het volgende ten grondslag.
De inschrijving van Acolad voldoet wel aan W-1.4.1, zoals Acolad deze wens had mogen begrijpen. De Politie heeft de inschrijving en de presentatie van Acolad op dit punt verkeerd beoordeeld. Dit betekent dat Global Talk en Acolad gelijk zijn geëindigd en dat de winnaar van de aanbestedingsprocedure moet worden aangewezen door middel van loting.
Hoewel daarover meerdere vragen zijn gesteld, heeft de Politie niet duidelijk gemaakt wat zij precies bedoelde met een “eerlijke verdeling”. Verder waren de begrippen “tijd”, “taakduur” en “prestatiegegevens” onduidelijk gedefinieerd en tijdens de beoordeling heeft de Politie daaraan een nieuwe invulling gegeven. Dit maakt dat de Politie zich niet aan het vooraf geformuleerde beoordelingskader heeft gehouden, dan wel dat het beoordelingskader voor meerderlei uitleg vatbaar is, waardoor heraanbesteding is aangewezen.
3.3.
De Politie voert verweer. De Politie concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Acolad, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Acolad, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Acolad in de kosten van deze procedure, te vermeerderen met de wettelijke rente.
3.4.
Global Talk vordert, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, de Politie te verbieden de Opdracht te gunnen aan een ander dan Global Talk, met veroordeling van Acolad in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
3.5.
Aan deze vordering legt Global Talk ten grondslag dat zij er belang bij heeft dat de Opdracht definitief aan haar wordt gegund en dat zij daarom belang heeft bij afwijzing van de vorderingen van Acolad en handhaving van de gunningsbeslissing.
3.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

Inleiding
4.1.
Tussen partijen is in geschil of de Politie aan Acolad alsnog (de volledige) punten moet toekennen voor W-1.4.1 en of daarom loting, al dan niet voorafgegaan door herbeoordeling, moet plaatsvinden. Daarnaast moet worden beoordeeld of de overige bezwaren van Acolad maken dat heraanbesteding aangewezen is.
4.2.
Bij de beoordeling van de vorderingen is het volgende van belang. De aan het aanbestedingsrecht ten grondslag liggende beginselen van transparantie en gelijke behandeling vereisen dat de voorwaarden voor deelname aan een opdracht tevoren duidelijk moeten zijn bepaald. Op die manier kunnen alle betrokkenen van de procedurele verplichtingen op de hoogte zijn. Zij kunnen er dan ook zeker van zijn dat deze verplichtingen voor alle (potentiële) deelnemers gelden, zodat elk risico van favoritisme en willekeur van de zijde van de aanbestedende dienst wordt uitgebannen. Verder dient de aanbestedende dienst nauwgezet de door haar vastgestelde criteria in acht te nemen, niet alleen tijdens de inschrijvingsprocedure als zodanig maar meer in het algemeen tot aan het einde van de fase van uitvoering van de betrokken aanbesteding (zie onder meer HvJ 29 april 2004, ECLI:EU:C:2004:236 (Succhi di Frutta).
W-1.4.1
4.3.
W-1.4.1 gelezen in samenhang met de daarop gegeven toelichting vraagt dat inschrijvers zorgen voor een “eerlijke verdeling” van de tolkopdrachten en dat daarbij software moet worden gebruikt die tolken automatisch roteert op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens. Hierbij is niet meteen duidelijk wat die eerlijke verdeling zou moeten inhouden.
4.4.
Het antwoord op de vraag wat moet worden verstaan onder een “eerlijke verdeling” in de zin van W-1.4.1 moet in beginsel worden afgeleid uit hetgeen een redelijk geïnformeerde en normaal zorgvuldige inschrijver geacht moet worden uit de aanbestedingstukken te hebben begrepen. Op grond van het transparantiebeginsel moet bij de uitleg van de bepalingen van aanbestedingstukken de zogenoemde CAO-norm worden toegepast. Dit betekent dat deze bepalingen naar objectieve maatstaven dienen te worden uitgelegd en dat de bewoordingen van die bepalingen, gelezen in het licht van de gehele tekst van de aanbestedingstukken, van doorslaggevende betekenis zijn. Voor W-1.4.1 zijn de Inschrijvingsleidraad, de daarop gegeven toelichting en de in de Nota van Inlichtingen gegeven antwoorden van belang. De na de gunningsbeslissing door de Politie gegeven uitleg kan niet bij de uitleg worden betrokken.
4.5.
Volgens de toelichting op W-1.4.1 heeft de door de Politie gewenste “eerlijke verdeling” betrekking op de wijze van toedeling van geplaatste aanvragen. Deze wens ziet dus logischerwijs op de verdeling van concrete aanvragen tussen de op dat moment beschikbare tolken. Dit volgt ook uit de in Nota van Inlichtingen gegeven voorbeelden, waarin het gaat over de wijze van selectie van beschikbare tolken. De stellingen van Acolad met betrekking tot de samenstelling van haar tolkenpool zijn daarom voor deze wens minder relevant, omdat W-1.4.1 ziet op de fase erna, namelijk de differentiatie tussen de beschikbare (en geschikte) tolken.
4.6.
Uit het in de Nota van Inlichtingen gegeven antwoord op de vraag 40 volgt dat het de wens is van de Politie dat de werkzaamheden voor de politie voor een grote groep tolken beschikbaar worden en dat voorkomen wordt dat deze enkel worden toebedeeld aan de goedkoopste tolk. In het in de Nota van Inlichtingen gegeven antwoord op vraag 221 heeft de Politie daaraan toegevoegd dat zij wenst te voorkomen dat er enkel op beschikbaarheid en prijs wordt geselecteerd en dat bij gelijke variabelen steeds dezelfde tolken worden ingezet. Uit het antwoord op vraag 221 volgt verder dat de Politie enerzijds wenst te weten hoe inschrijvers omgaan met een verschil in kwaliteit en anderzijds hoe inschrijvers de tolken rouleren bij gelijke geschiktheid. Uit de toelichting op W-1.4.1 volgt dat de Politie het waardeert indien bij de (eerlijke) verdeling rekening wordt gehouden met de prestatie van de door de tolk geleverde tolkdiensten.
4.7.
Uit het voorgaande, in onderlinge samenhang bezien, volgt dat W-1.4.1 inhoudt dat de inschrijver moet aantonen dat zij bij de toedeling van concrete aanvragen software gebruikt die automatisch roteert tussen de tolken op basis van tijd, taakduur of prestatiegegevens en waarbij het in ieder geval niet de bedoeling is dat enkel geselecteerd wordt op beschikbaarheid en prijs, omdat de Politie wenst dat de opdrachten voor een brede groep tolken beschikbaar zijn, en wil voorkomen dat steeds dezelfde tolken worden ingezet. Duidelijk is verder dat de Politie wenst dat er bij de toedeling rekening gehouden wordt met de prestatiegegevens van een tolk.
4.8.
Uit de inschrijving van Acolad en uit de door haar gegeven toelichting volgt dat zij bij een tolkaanvraag de tolk selecteert op beschikbaarheid en de door haar bepaalde tariefcategorie, waarbij zij per tariefcategorie een bandbreedte aanhoudt van € 5 à € 10. Alleen tolken uit de laagste tariefcategorie komen voor de opdracht in aanmerking. Dit betekent dat tolken in een hogere tariefcategorie niet voor de opdracht in aanmerking komen. Dit laat geen andere conclusie toe dan Acolad daarmee selecteert op prijs. Het feit dat Acolad binnen de laagst beschikbare tariefcategorie rouleert en dat er ook wel eens een tolk weigert, waarna een opdracht wordt doorgeschoven – en dat zij dus niet steeds de tolk met het allerlaagste tarief selecteert – maakt dat niet wezenlijk anders. Door selectie van alleen de tolken binnen de laagst beschikbare tariefcategorie vallen alle duurdere (mogelijk beter presterende) tolken buiten de boot. Alleen al daarom heeft Acolad niet voldaan aan de achterliggende wens dat de opdrachten voor een brede groep tolken beschikbaar zijn. Verder merkt de voorzieningenrechter op dat de mogelijkheid dat opdrachten na weigering worden doorgeschoven, niet te beschouwen is als een bewuste roulatie van Acolad. De matching op tarief en beschikbaarheid voldoet niet aan W-1.4.1.
4.9.
In haar inschrijving bij W-1.4.1 heeft Acolad expliciet opgenomen dat prestatie-gegevens de uitnodigingsvolgorde niet beïnvloeden. Hieruit leidt de voorzieningenrechter af dat bij de toedeling van een concrete aanvraag prestatiegegevens van een tolk geen rol spelen. Dat Acolad bij de samenstelling van haar tolkenpool wel rekening houdt met prestatiegegevens is in dit verband niet relevant, omdat dat niets zegt over de (kwaliteits)verschillen die er kunnen zijn tussen de voor een opdracht beschikbare tolken. Acolad heeft dus niet aangetoond hoe er bij de toedeling van concrete opdrachten rekening gehouden wordt met verschillen in kwaliteit tussen de beschikbare tolken. Op dit punt heeft Acolad niet voldaan aan W-1.4.1.
4.10.
Tot slot heeft Acolad ook niet aangetoond dat “tijd” en “taakduur” een rol spelen bij de toedeling van beschikbare opdrachten. Aan Acolad moet worden toegegeven dat in de aanbestedingstukken niet expliciet is opgenomen dat de Politie beoogde dat zij wilde voorkomen dat de ene tolk telkens kortere opdrachten krijgt en een andere juist steeds langere, maar naar het oordeel van de voorzieningenrechter is dit een logisch uitvloeisel van de wens dat de Politie wil voorkomen dat steeds dezelfde tolken worden ingezet. Uit de door Acolad gegeven toelichting (zie 2.12) volgt dat zij tijd en taakduur heeft opgevat als eisen op het gebied van “beschikbaarheid”, terwijl het nu juist expliciet de bedoeling was om andere variabelen dan beschikbaarheid en tarief in het matchingsproces te betrekken. Uit die toelichting blijkt ook niet hoe verschillen in tijd en taakduur in het matchingsproces van Acolad een rol spelen bij gelijke (geschiktheid en) beschikbaarheid van tolken. Ook op dit punt heeft Acolad niet voldaan aan W-1.4.1.
4.11.
Het voorgaande leidt tot de conclusie dat Acolad niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij ten onrechte geen punten heeft gekregen voor W-1.4.1. Er bestaat dus ook geen aanleiding voor een herbeoordeling en/of loting, zoals primair door Acolad gevorderd.
Heraanbesteding
4.12.
Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft Acolad niet aannemelijk gemaakt dat W-1.4.1 voor meerderlei uitleg vatbaar is. Er bestaat dus ook geen aanleiding voor een gebod tot heraanbesteding, zoals subsidiair door Acolad gevorderd.
Slotsom, incidentele vordering en proceskosten
4.13.
De slotsom is dat de vorderingen van Acolad worden afgewezen. Acolad wordt veroordeeld in de proceskosten (inclusief nakosten) van de Politie en Global Talk.
4.14.
Omdat de Politie voornemens is de Opdracht definitief te gunnen aan Global Talk brengt de afwijzing van de vorderingen van Acolad mee dat Global Talk geen belang (meer) heeft bij toewijzing van haar vordering, zodat deze wordt afgewezen. Global Talk wordt veroordeeld in de kosten van de Politie. Deze kosten worden begroot op nihil, aangezien niet is gebleken dat de Politie als gevolg van de vordering van Global Talk extra kosten heeft moeten maken.
4.15.
Ondanks de afwijzing van de vordering van Global Talk, wordt Acolad in haar verhouding tot Global Talk aangemerkt als de in het ongelijk gestelde partij. Het doel van Global Talk was immers om te voorkomen dat de gunningsbeslissing zou worden ingetrokken, welk doel is bereikt. Acolad wordt daarom als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van Global Talk veroordeeld.
4.16.
De proceskosten van de Politie en Global Talk worden voor ieder van hen begroot op:
- griffierecht
735,00
- salaris advocaat
1.177,00
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
2.101,00
4.17.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter:
5.1.
wijst de vorderingen van Acolad en Global Talk af;
5.2.
veroordeelt Global Talk voor wat betreft de door haar ingestelde vordering in de proceskosten, aan de zijde van de Politie begroot op nihil;
5.3.
veroordeelt Acolad in de proceskosten van € 2.101,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Acolad niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
5.4.
veroordeelt Acolad in de naar aanleiding van haar vorderingen gemaakte overige proceskosten voor de Politie en Global Talk voor ieder van hen vastgesteld op € 2.101,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Acolad niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
5.5.
veroordeelt Acolad tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald
5.6.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.R. Glass en in het openbaar uitgesproken op 2 juni 2026.
WJ

Voetnoten

1.Register beëdigde tolken en vertalers (Rbtv).