Uitspraak
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en informatieregeling
Beschikking op het op 18 februari 2026 ingekomen verzoek van:
[de vader],
[de moeder],
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 20 februari 2026 van de advocaat van de vader, met bijlage.
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat en tolk K. Memsah;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- [naam 1], namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Feiten
Verzoek en verweer
Beoordeling
- Is vaststelling van een zorgregeling met de vader in het belang van [minderjarige]? Zo ja, welke zorgregeling is in zijn belang?
- Hoe dient de zorgregeling met de vader er qua aard, duur en frequentie uit te zien?
- Is nadere hulpverlening voor de vader, de moeder en/of [minderjarige] noodzakelijk? Zo ja, welke hulpverlening wordt geadviseerd?
- Hoe ziet de gezinssituatie van [minderjarige] er uit? Is er iemand in het leven van [minderjarige] die [minderjarige] al als vader ziet? Zo ja, hoe is die band en wat betekent dit voor de mogelijkheden voor opbouw van contact met de vader?
- Zijn er zorgen over de veiligheid van [minderjarige] bij de vader?
- Zijn er volgens de Raad nog andere zaken van belang bij de beoordeling van de zaak?
Beslissing
voorlopigeinformatieregeling dat de moeder iedere twee maanden (te weten voor 1 januari, 1 maart, 1 mei, 1 juli, 1 september en 1 november), alsook tussentijds bij belangrijke gebeurtenissen, de vader per e-mail schriftelijke informatie verschaft over de ontwikkeling en het welzijn van [minderjarige], waarbij in ieder geval informatie wordt verschaft over ‘gewichtige aangelegenheden’ met betrekking tot de persoon en het vermogen van [minderjarige] (waaronder medische informatie);
ten aanzien van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, de dwangsom en de informatieregelingaan tot
15 november 2026 pro forma.