Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.N.V. BEVER HOLDING te Hilversum,2. NORTHSIDE INVESTMENTS B.V. te Noordwijk,3. MUNTENDAMSCHE INVESTERINGS MAATSCHAPPIJ B.V. te Den Haag,
1.[bedrijf 1] B.V. te [vestigingsplaats] ,2. [bedrijf 2] B.V. te [vestigingsplaats] ,3. [naam 1] te [woonplaats 1] ,4. [naam 2] te [woonplaats 2] ,
1.De procedure
2.De feiten
- i) betaling door [bedrijf 1] aan Bever c.s. van een winstdeel van 30% oplopend tot 50% van de met de uitvoering van het nieuwbouwplan gerealiseerde winst;
- ii) betaling door [bedrijf 1] van 2,5% rente over het onbetaald gebleven deel van de koopsommen vanaf 20 november 2020;
- iii) vergoeding door [bedrijf 1] aan Bever c.s. van advocaat- en advieskosten, en
- iv) vergoeding door [bedrijf 1] aan Bever c.s. van de onroerend goed belasting en andere zakelijke lasten.
- i) correspondentie over het verloop en afloop van het dispuut tussen [bedrijf 1] en [bedrijf 5] , en
- ii) correspondentie tussen [bedrijf 1] en TeekensKarstens over de inschrijving van de koopovereenkomsten in de openbare registers.
3.Het geschil in de hoofdzaak
- i) de koopovereenkomsten rechtsgeldig zijn ontbonden;
- ii) de tenuitvoerlegging van het arrest van het hof Den Haag onrechtmatig is en dat [bedrijf 1] daarom jegens Bever c.s. aansprakelijk is voor de schade die daaruit voortvloeit, op te maken bij staat;
- iii) [bedrijf 2] onrechtmatig heeft gehandeld door te profiteren van de hiervoor genoemde tenuitvoerlegging en daarom jegens Bever c.s. aansprakelijk is voor de schade die daaruit voortvloeit, op te maken bij staat;
4.Het geschil in het incident
- i) de processtukken uit de tussen [naam 8] (en/of zijn vennootschappen) en [bedrijf 1] gevoerde procedures over de door [naam 8] gevorderde courtage en de vastlegging van de tussen deze partijen bereikte minnelijke regeling, en
- ii) de door [bedrijf 1] aan TeekensKarstens verstrekte opdracht tot inschrijving van de koopovereenkomsten en de in verband daarmee verstrekte informatie,