Partijen zijn gehuwd in 2025 en verzoeken beiden de echtscheiding uit te spreken en het huurrecht van de echtelijke woning toe te wijzen. Hoewel beiden als huurder in de huurovereenkomst staan, hebben zij nooit samengewoond in de woning. De rechtbank stelt vast dat het huwelijk duurzaam is ontwricht en wijst de echtscheiding toe.
Beide partijen vragen om toewijzing van het huurrecht. De rechtbank weegt de belangen af, waarbij zij meeneemt dat de man al sinds 2020 staat ingeschreven bij Woonnet Haaglanden en een sterke binding met Den Haag heeft, terwijl de vrouw zich pas in 2024 inschreef en geen binding met de regio heeft. De vrouw heeft onvoldoende onderbouwd dat haar inschrijving invloed had op het verkrijgen van de woning.
Gezien de woningmarkt en de belangen van partijen, oordeelt de rechtbank dat het belang van de man zwaarder weegt en kent het huurrecht aan hem toe. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten. De beschikking is op 12 mei 2026 uitgesproken.