Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord van 5 november 2025,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Q-Park vordert betaling van schadevergoeding en parkeergeld van gedaagde die op 25 juni 2025 de parkeergarage heeft verlaten zonder geldig parkeerbewijs, door direct achter een voorganger langs de slagboom te rijden, een praktijk bekend als 'treintje rijden'. Q-Park baseert haar vordering op artikel 5.5 van haar algemene voorwaarden en stelt dat gedaagde toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst.
Gedaagde erkent het treintje rijden, maar betwist de hoogte van de schadevergoeding en stelt dat hij geen betaalmiddelen had en geen contact kon krijgen met de klantenservice. De rechtbank oordeelt dat gedaagde onvoldoende onderbouwing biedt voor zijn betwisting en dat Q-Park aannemelijk heeft gemaakt dat geen contactpogingen via de intercom zijn geregistreerd.
De rechtbank wijst de vordering van Q-Park integraal toe, inclusief € 382,41 schadevergoeding, € 46,00 parkeergeld, € 64,26 buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente vanaf 25 juni 2025. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten. Het subsidiaire onrechtmatigheidsverweer behoeft geen bespreking omdat het primaire verweer slaagt.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van schadevergoeding, parkeergeld, incassokosten en proceskosten wegens treintje rijden zonder geldig parkeerbewijs.