ECLI:NL:RBDHA:2026:160
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig relaas over bedreiging door colectivos in Venezuela
Eiser, een Venezolaanse nationaliteit dragende jongvolwassene, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hij stelde dat hij bedreigd werd door de colectivos, gewelddadige groeperingen in Venezuela, vanwege het lidmaatschap en de desertie van zijn vader, die in 2017 door deze groep zou zijn vermoord. Eiser vreesde dat hij bij terugkeer gedood zou worden.
De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af omdat het relaas over de bedreigingen door de colectivos niet geloofwaardig werd geacht. De rechtbank bevestigde dit oordeel na behandeling van het beroep. De verklaringen van eiser werden als inconsistent en onlogisch beoordeeld, onder meer omdat het onwaarschijnlijk werd geacht dat gewapende mannen hem niet direct meenamen bij de eerste rekruteringspoging.
Daarnaast was er onvoldoende bewijs dat de colectivos verantwoordelijk waren voor de dood van de vader van eiser. De overgelegde getuigenverklaringen en documenten boden geen overtuigend bewijs. Ook het argument dat de colectivos gedwongen rekruteren werd niet aannemelijk geacht, mede omdat openbare bronnen dit niet ondersteunen.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat de minister de aanvraag terecht heeft afgewezen. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid van het relaas.