ECLI:NL:RBDHA:2026:16035

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 mei 2026
Publicatiedatum
15 juni 2026
Zaaknummer
C/09/694194 / FA RK 25-8381
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Omgangsregeling minderjarige vastgesteld tussen ouders

De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van de moeder betreffende de omgangsregeling voor hun minderjarige kind. Eerder was de alimentatie vastgesteld, maar de omgangsregeling werd pro forma aangehouden. Tijdens de zitting op 17 april 2026 verschenen beide ouders en een vertegenwoordiger van de Raad voor de Kinderbescherming.

De ouders waren het eens over de omgangsregeling waarbij het kind iedere dinsdagmiddag, een weekend per twee weken en de helft van de vakanties langer dan een week bij de vader verblijft. De rechtbank heeft geen aanwijzingen gevonden dat deze regeling in strijd is met het belang van het kind.

Daarom heeft de rechtbank deze omgangsregeling formeel vastgesteld en verklaard dat de beschikking uitvoerbaar bij voorraad is. Hiermee wordt de uitvoering van de omgangsregeling juridisch bindend gemaakt.

Uitkomst: De rechtbank stelt de omgangsregeling vast waarbij de minderjarige op dinsdagmiddag, een weekend per veertien dagen en de helft van de vakanties bij de vader verblijft.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 25-8381
Zaaknummer: C/09/694194
Datum beschikking: 15 mei 2026

Omgang

Beschikking op het op 6 november 2025 ingekomen verzoek van:

[de vrouw] ,

hierna te noemen: de vrouw,
wonend op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat mr. G.O. Perquin uit Zoetermeer.
De rechtbank merkt als belanghebbende(n) aan:

[de man] ,

hierna te noemen: de man,
wonend op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

Bij beschikking van deze rechtbank van 20 januari 2026 is de door de man met ingang van 1 september 2025 te betalen alimentatie voor de minderjarige [de minderjarige] bepaald op € 241,- per maand, telkens bij vooruitbetaling aan de vrouw te voldoen. De behandeling van het verzoek met betrekking tot de omgang is pro forma aangehouden.
De rechtbank heeft opnieuw kennisgenomen van de stukken.
Op 17 april 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:
  • de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
  • de man;
  • [naam] , namens de Raad voor de Kinderbescherming.

Beoordeling

De rechtbank handhaaft al hetgeen bij genoemde beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.
Omgang
De ouders geven uitvoering aan een omgangsregeling waarbij [de minderjarige] iedere dinsdagmiddag en een weekend per veertien dagen bij de man is, alsmede de helft van de vakanties welke langer zijn dan een week. Zij zijn het er over eens dat deze regeling kan worden vastgelegd. Nu niet is gebleken dat het belang van [de minderjarige] zich hiertegen verzet, zal de rechtbank deze regeling in de beslissing opnemen.

Beslissing

De rechtbank:
bepaalt dat de minderjarige [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2021 in [geboorteplaats] , bij de man zal zijn:
  • iedere dinsdagmiddag;
  • een weekend per veertien dagen;
  • de helft van de vakanties welke langer zijn dan een week;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Hees, kinderrechter, bijgestaan door mr. S.A.L. Niemantsverdriet als griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 15 mei 2026.