ECLI:NL:RBDHA:2026:167

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 januari 2026
Publicatiedatum
7 januari 2026
Zaaknummer
NL25.54167
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag

In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, wordt het beroep van eiseres behandeld, die zich richt tegen het niet tijdig beslissen door de minister van Asiel en Migratie op haar asielaanvraag van 6 juni 2023. De rechtbank heeft de zaak zonder zitting behandeld en beoordeeld of het beroep ontvankelijk is. De rechtbank stelt vast dat er geen ingebrekestelling in het dossier aanwezig is, waarmee de minister in gebreke zou zijn gesteld om alsnog een besluit te nemen. Dit is een vereiste volgens artikel 6:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Eiseres heeft op een verzoek van de rechtbank om dit stuk toe te voegen aan het dossier niet gereageerd. Hierdoor is de rechtbank van oordeel dat aan de voorwaarden voor ontvankelijkheid van het beroep niet is voldaan. De rechtbank verklaart het beroep dan ook kennelijk niet-ontvankelijk. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, en is openbaar gemaakt op rechtspraak.nl.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.54167

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiseres,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. M.R. Verdoner),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend, omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de aanvraag van 6 juni 2023.
1.1.
De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. [1]

Beoordeling door de rechtbank

Is het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond?
2. Voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep, wordt het niet tijdig nemen van en besluit met een besluit gelijkgesteld. [2]
3. Een beroepschrift gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen. [3]
4. In het dossier ontbreekt een ingebrekestelling waarmee de minister in gebreke wordt gesteld om alsnog een besluit te nemen. Aan de voorwaarden van artikel 6:12 van de Awb is daarom niet voldaan.
5. De rechtbank heeft op 5 november 2025 eiseres verzocht dit stuk aan het dossier toe te voegen. Hierop heeft eiseres niet gereageerd.
6. Het beroep is, gelet op het voorgaande, kennelijk niet-ontvankelijk.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Artikel 6:2, aanhef en onder b van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
3.Artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).