Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:17091

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
22 juni 2026
Publicatiedatum
24 juni 2026
Zaaknummer
NL25.37395
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75a AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens gebrek aan procesbelang bij asielaanvraag

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 16 oktober 2023. Verweerder heeft op 16 oktober 2025 alsnog een besluit genomen op deze aanvraag. Hierdoor is het beroep gericht tegen het niet tijdig beslissen feitelijk komen te vervallen, waardoor eiseres geen procesbelang meer heeft bij het beroep.

De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang. Ondanks de niet-ontvankelijkheid van het beroep, oordeelt de rechtbank dat verweerder de proceskosten van eiseres moet vergoeden, omdat verweerder alsnog aan het verzoek van eiseres heeft voldaan door het besluit te nemen.

De proceskostenvergoeding wordt vastgesteld op € 467, gebaseerd op de toepasselijke regels in de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht, met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 22 juni 2026 door rechter M.L. Weerkamp.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 467.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.37395

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres] , eiseres,

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. M.P.J.W.M. Govers)
en
de minister van Asiel en Migratie, [1] verweerder.

Procesverloop

Eiseres heeft op 11 augustus 2025 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 16 oktober 2023.
Op 16 oktober 2025 heeft verweerder een besluit genomen op de aanvraag.
Eiseres heeft op 23 oktober 2025 aan de rechtbank meegedeeld dat zij bereid is het beroep in te trekken indien verweerder bereid is de proceskosten te vergoeden.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb [2] uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Verweerder heeft op de asielaanvraag van eiseres beslist. Nu hiermee tegemoet is gekomen aan het beroep voor zover deze gericht is tegen het niet tijdig nemen van het besluit, heeft eiseres in zoverre geen procesbelang meer. Dit beroep is dan ook kennelijk niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
2. Het oordeel van de rechtbank beperkt zich tot een uitspraak over de proceskostenvergoeding. Ook wanneer een beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard, is een proceskostenveroordeling mogelijk. Dit is in het bijzonder het geval als het bestuursorgaan aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen Gelet op wat hiervoor is overwogen, doet deze situatie zich hier voor.
3. Omdat eiseres vanwege het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag beroep heeft kunnen instellen, ziet de rechtbank aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiseres gemaakte proceskosten. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:&5 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Bbp. [3] Deze kosten worden op grond van het Bbp voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 467 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 934 met een wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.

Beslissing

De rechtbank:
  • verklaart het beroep niet-ontvankelijk; en
  • veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 467 (vierhonderdzevenenzestig euro).
Deze uitspraak is gedaan op 22 juni 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van B. Biyikli, griffier, openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
2.Algemene wet bestuursrecht.
3.Besluit proceskosten bestuursrecht.