ECLI:NL:RBDHA:2026:1737

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 februari 2026
Publicatiedatum
2 februari 2026
Zaaknummer
NL:TZ:2504303:R-RK
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285 FwHR 20 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1913
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek tot toelating wettelijke schuldsaneringsregeling met afwijzing eerdere ingangsdatum

De rechtbank Den Haag behandelde op 26 januari 2026 het verzoek van verzoeker om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege een problematische schuldensituatie. Verzoeker voldeed aan de voorwaarden, waaronder te goeder trouw zijn bij het ontstaan en onbetaald laten van schulden, en werd toegelaten tot de WSNP. De rechtbank lichtte toe dat de WSNP een traject van achttien maanden betreft met een postblokkade van dertien maanden en dat bij succesvolle afronding een schone lei wordt verleend.

Verzoeker had tevens verzocht om de ingangsdatum van de WSNP te laten bepalen op 1 juli 2025, gebaseerd op een eerdere aflossing in het minnelijk traject van schuldhulpverlening. De rechtbank oordeelde echter dat niet was gebleken dat verzoeker zich maximaal had ingespannen om baten voor schuldeisers te verwerven, mede omdat verzoeker slechts parttime werkte zonder aantoonbare inspanning voor een fulltime baan en zonder bewijs van arbeidsongeschiktheid. Ook ontbraken voldoende gegevens over aflossingen in het minnelijk traject.

Daarom wees de rechtbank het verzoek tot een eerdere ingangsdatum af en stelde de termijn van de WSNP vast op achttien maanden vanaf 2 februari 2026. Tevens werden alle gelegde beslagen opgeheven, werd mr. R. Cats benoemd tot rechter-commissaris en R. Springer tot bewindvoerder, die de post van verzoeker mag inzien en een voorschot op vergoeding mag nemen zolang de regeling loopt en de boedel toereikend is.

Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de WSNP met een termijn van achttien maanden vanaf 2 februari 2026; verzoek tot eerdere ingangsdatum wordt afgewezen.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANKDEN HAAG
Team Toezicht
insolventienummer: NL:TZ:2504303:R-RK
vonnis van 2 februari 2026
op het verzoek van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats] .
Waar deze zaak over gaat
[verzoeker] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor zijn schulden te komen heeft [verzoeker] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1.De procedure

1.1.
[verzoeker] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.
1.2.
Het verzoek is behandeld op de zitting van 26 januari 2026. Met de uitnodiging voor deze zitting is aan [verzoeker] een WSNP-informatieboekje meegezonden. Op de zitting verschenen:
- [verzoeker] ,
- [naam] , schuldhulpverlener van Kredietbank Nederland.

2.De beoordeling van het verzoek

Toelating tot de WSNP

2.1.
[verzoeker] kan alleen worden toegelaten tot de WSNP als hij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en hij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat [verzoeker] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen. Daarnaast beoordeelt de rechtbank of er aanleiding is een eerdere ingangsdatum van de WSNP te bepalen.
2.2.
[verzoeker] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.
2.3.
De verplichtingen waaraan [verzoeker] tijdens de WSNP moet voldoen staan in het WSNP-informatieboekje beschreven. Samengevat komt dit neer op: een informatieverplichting, een inspanningsverplichting, een verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan en een afdrachtverplichting.
2.4.
De wet schrijft voor dat de eerste dertien maanden van het traject een postblokkade geldt. Gedurende deze periode zal alle post naar de bewindvoerder gaan. De bewindvoerder stuurt de post na controle weer door aan [verzoeker] .
2.5.
Het WSNP-traject duurt in principe achttien maanden. Als [verzoeker] zich gedurende die periode houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject na verloop van die achttien maanden met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op [verzoeker] kunnen verhalen.
Ingangsdatum termijn van de WSNP
2.6.
Een termijn van een wettelijke schuldsaneringsregeling kan ook beginnen te lopen vanaf de dag waarop de eerste aflossing is gedaan in het kader van de buitengerechtelijke schuldregeling als bedoeld in artikel 285, eerste lid, onder f Fw. Het moet gaan om een eerste aflossing tijdens ‘het minnelijk traject van schuldhulpverlening’ (HR 20 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1913). Vanaf dat moment moet de schuldenaar maximaal aflossen op zijn schulden. Daarnaast moet hij zich in de verzochte periode maximaal inspannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven.
2.7.
[verzoeker] verzoekt de ingangsdatum van de termijn van de WSNP te bepalen op 1 juli 2025. De rechtbank ziet geen aanleiding tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum. Niet is gebleken dat [verzoeker] zich in het minnelijk traject maximaal heeft ingespannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verkrijgen. [verzoeker] heeft tot 1 januari 2026 parttime gewerkt, terwijl niet is gebleken dat [verzoeker] zich heeft ingespannen om een fulltime betaalde baan te krijgen. Evenmin is gebleken van (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid. De rechtbank kan er daarom niet van uitgaan dat [verzoeker] zich tijdens het buitengerechtelijke traject voldoende heeft ingespannen om zoveel mogelijk baten voor de boedel te verwerven. Bovendien heeft [verzoeker] onvoldoende gegevens overgelegd waarmee de rechtbank in staat is te bepalen of voldoende is afgedragen en op welke dag de eerste afdracht in het minnelijk traject is gedaan. De rechtbank zal daarom het verzoek voor een eerdere ingangsdatum afwijzen.

3.De beslissing

De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoeker] ,
geboren op [geboortedatum] 1981 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] ;
- wijst het verzoek tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum af;
- stelt de termijn van deze regeling vast op achttien maanden, te rekenen vanaf 2 februari 2026;
- stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen;
- benoemt tot rechter-commissaris mr. R. Cats en tot bewindvoerder:
R. Springer (Eres Bewindvoering),
Postbus 2888
2601 CW Delft;
- geeft de bewindvoerder opdracht om de komende dertien maanden de post van [verzoeker] in te zien;
- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen:
o zolang de schuldsaneringsregeling loopt en
o voor zover de boedel toereikend is.
Dit is de beslissing van mr. R. Cats, rechter, in samenwerking met F.J. Knaap LL.B., griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 2 februari 2026.
Wat kunt u doen als u het niet eens bent met de eerdere ingangsdatum?
Mocht uw verzoek om een eerdere ingangsdatum niet of niet volledig zijn toegewezen, dan kunt u gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak hoger beroep instellen. Dat kan door een advocaat een verzoekschrift in te laten dienen bij de griffie van het gerechtshof in Den Haag.