Uitspraak
Beschikking op het op 5 februari 2025 ingekomen verzoek van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het aanvullend verzoekschrift;
- het verweerschrift tevens houdende zelfstandig verzoeken;
- het F9-bericht van de zijde van de vader van 14 februari 2025;
- het F9-bericht van de zijde van de moeder van 28 januari 2026;
- het F9-bericht van de zijde van de moeder van 28 januari 2026 met bijlagen;
- het F9-bericht van de zijde van de moeder van 2 februari 2026 met bijlagen;
- het F9-bericht van de zijde van de moeder van 2 februari 2026 met bijlagen;
- het F9-bericht van de zijde van de vader van 2 februari 2026 met bijlagen;
- het F9-bericht van de zijde van de vader van 3 februari 2026 met bijlage;
- het F9-bericht met de brief d.d. 5 februari 2026 van de zijde van de moeder;
- het F9-bericht van de zijde van de vader van 6 februari 2026 met bijlage;
- het F9-bericht van de zijde van de vader van 13 april 2026 met bijlage;
- het F9-bericht van de zijde van de moeder van 27 april 2026 met bijlagen.
- de vader bijgestaan door zijn advocaat;
- de advocaat van de moeder;
- [naam 1] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- [naam 2] namens de Raad.
Feiten
Verzoek en verweer
- te bepalen dat hij alleen wordt belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] per datum indiening verzoekschrift;
- vervangende toestemming te verlenen voor de bijschrijving van de minderjarige kinderen op de zorgverzekering van de vader;
Beoordeling
“Op de zitting is nog gesproken over een mogelijk raadsonderzoek naar een eventuele kinderbeschermingsmaatregel, zodat een jeugdbeschermer met de ouders mee kan kijken. De Raad vindt dit echter niet in het belang van de kinderen is. Een jeugdbeschermer wordt dan verantwoordelijk gemaakt voor het probleem dat de ouders niet lijken te kunnen oplossen.”Dat is naar het oordeel van de rechtbank nog altijd de situatie. Daarbij komt dat de Raad op deze zitting wederom heeft aangegeven geen aanleiding te zien voor een ondertoezichtstelling.