Verzoekster heeft op 1 augustus 2025 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 10 mei 2024. Tijdens de procedure heeft de minister van Asiel en Migratie alsnog een besluit genomen op 18 december 2025. Hierop heeft verzoekster haar beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een bestuursorgaan kan worden veroordeeld in de proceskosten indien het alsnog besluit neemt tijdens een beroep tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank stelt vast dat de minister hiermee geheel aan verzoekster tegemoet is gekomen.
De rechtbank wijst het verzoek tot proceskostenvergoeding toe en bepaalt de hoogte van de kosten op € 467, gebaseerd op een puntensysteem met een wegingsfactor van 0,5 vanwege de beperkte aard van het beroep. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 29 januari 2026.