Uitspraak
Echtscheiding met nevenvoorzieningen
Beschikking op het op 10 juli 2025 ingekomen verzoekschrift van:
[de vrouw] ,
[de man] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het bericht van 16 juli 2025 van de vrouw, met bijlage;
- het bericht van 17 juli 2025 van de vrouw, met bijlage;
- het verweerschrift met zelfstandige verzoeken, met bijlagen, ingekomen op 8 oktober 2025;
- het verweer tegen de zelfstandige verzoeken, ingekomen op 27 november 2025;
- het bericht van 16 december 2025 van de vrouw;
- het bericht van 23 april 2026 van de man, met bijlagen;
- het bericht van 24 april 2026 van de vrouw, waarin zij haar verzoek aanvult, met bijlagen.
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat.
Feiten
- Partijen zijn gehuwd op [datum] 2016 in [plaats] , in de wettelijke algehele gemeenschap van goederen.
- In 2025 heeft de vrouw de echtelijke woning een aantal maanden verlaten.
- Momenteel wonen partijen weer samen in de echtelijke woning.
Verzoek en verweer
- bankafschriften van de op haar naam staande bankrekening bij ABN AMRO ( [bankrekening 1] ), Knab ( [bankrekening 2] ) en Coinbase Ireland, waaruit het saldo op de peildatum blijkt;
- bankafsschriften van de op haar naam staande bankrekening bij de ABN AMRO ( [bankrekening 1] ), Knab ( [bankrekening 2] ) en Coinbase Ireland vanaf 6 maanden vóór de peildatum tot aan de peildatum, waaruit blijkt wat voor bestuur de vrouw heeft gevoerd over de tot de gemeenschap van partijen gevoerde financiën;
Beoordeling
Beslissing
- bankafschriften van de op haar naam staande bankrekening bij ABN AMRO ( [bankrekening 1] ), Knab ( [bankrekening 2] ) en Coinbase Ireland, waaruit het saldo op de peildatum blijkt;
- bankafsschriften van de op haar naam staande bankrekening bij ABN AMRO ( [bankrekening 1] ), Knab ( [bankrekening 2] ) en Coinbase Ireland vanaf 6 maanden vóór de peildatum tot aan de peildatum, waaruit blijkt wat voor bestuur de vrouw heeft gevoerd over de tot de gemeenschap van partijen gevoerde financiën;
over de schuldenposten genoemd in het aanvullend verzoek van de vrouw en de proceskostenaan
tot 15 augustus 2026 pro forma;