Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Het verdere verloop van de procedure
- de beschikking van 5 december 2025 en de daarin genoemde stukken;
- het aanvullende raadsrapport van 20 mei 2026.
- [naam 1] , namens de Raad;
- [naam 2] , namens de gecertificeerde instelling;
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
FAST-traject ingezet moet worden. Net als de moeder, maakt hij zich zorgen over de ontwikkeling van de kinderen.
FAST-traject te starten als de moeder haar werk niet (tijdelijk) opgeeft. Het FAST-traject is volgens de gecertificeerde instelling het meest passende aanbod.
5.De beoordeling
6.De beslissing
een nader te bepalen zitting, bij voorkeur bij mr. J.E. Bierling, gelegen vóór 5 september 2026;
uiterlijk twee wekenvoorafgaand aan voornoemde zitting een
schriftelijke updatezoals hierboven onder 5.4. genoemd aan de rechtbank en de belanghebbenden te doen toekomen.
mr. J.E. Bierling, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. I.M. Kroon als griffier, en op schrift gesteld op 18 juni 2026.
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.