Uitspraak
Gezag, zorg- c.q. omgangsregeling en dwangsom
Beschikking op het op 20 augustus 2025 ingekomen verzoek van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift met een zelfstandig verzoek;
- het F9-formulier van 28 april 2026, met bijlagen, van de moeder;
- het F9-formulier van 5 mei 2026, met bijlagen, van de vader.
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat en tolk A. Solomon;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat en tolk N. Mesfun;
- [naam] met een collega namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Feiten
- Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
- Zij zijn de ouders van de minderjarige: [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2019 in [geboorteplaats] .
- De vader heeft [de minderjarige] erkend.
- [de minderjarige] heeft haar hoofdverblijfplaats bij de moeder.
- De moeder is van rechtswege alleen met het gezag over [de minderjarige] belast.
- Zowel de moeder als de vader hebben de Eritrese nationaliteit.
Verzoek en verweer
- een zorgregeling vast te stellen waarbij [de minderjarige] in de oneven weken van zaterdag 15.00 uur tot zondag 18.00 uur bij de vader is, alsmede de helft van de vakanties en feestdagen, waarbij de vader het halen en brengen voor zijn rekening neemt;
- de vader, samen met de moeder, te belasten met het gezag over [de minderjarige] .
Beoordeling
Beslissing
- in de oneven weken in het weekend van vrijdag uit school tot zondag 18:00 uur;
- de helft van de vakanties en feestdagen,